Deze week maar één foto>>>>

OP BEZOEK BIJ DE BUREN VII - MALI (15-12-1994)

Op 8 mei van dit jaar, een natte en koude zondag, nam ik mij in het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden voor om in november naar Mali te gaan. 's Ochtends vroeg op zakenreis in Nederland gearriveerd, had ik mij naar het museum gehaast in de veronderstelling dat de tentoonstelling "Langs de Niger" nog dezelfde dag zou worden gesloten. In Leiden aangekomen bleek al het gehaast voor niets te zijn geweest, want er was inmiddels tot een verlenging tot eind augustus besloten. Op de expositie werden archeologische vondsten uit het stroomgebied van de rivier de Niger getoond. Helaas was de ter gelegenheid van de expositie verschenen catalogus niet meer voorradig, een poging tot nabestellen kon worden gedaan, maar de kans van slagen werd gering geacht. In het gesprek wat daar op volgde vertelde de boekverkoper dat de tentoonstelling op reis zou gaan door de diverse landen langs de Niger waar de kunstvoorwerpen vandaan kwamen. De eerste stop in Afrika zou in november aanstaande in het Nationale Museum van Mali in Bamako zijn. Waarop ik tegen de verkoper zei "schrapt u mijn bestelling maar, ik koop de catalogus wel in Bamako daar moet ik in november toevallig toch zijn".

Reizen door Afrika, is reizen met hindernissen en kleine ongemakken, te beginnen met de visumaanvrage. Bij aankomst op het vliegveld van Bamako moet de reiziger in het bezit zijn van een geldig visum, in Lagos is er helaas geen Malinese ambassade. De dichtsbijzijnde ambassade is gevestigd in Accra, de hoofdstad van Ghana een land waar ook een visum voor nodig is. De wachttijd tussen aanvragen en afhalen van het visum bedraagt volgens de Malinese bureaucraten vijf dagen. Via collega's die naar Europa heen en weer reizen vinden we een oplossing voor dit probleem. Vanuit Lagos reizen de paspoorten van mijn Vlaamse collega en aanstaande reisgenoot Patrick Van Daele naar de ambassade van Mali in Brussel en komen een paar weken later terug naar Nigeria met keurig een geldig visum voor Mali er in gestempeld.

En dan de tickets. De enige luchtvaartmaatschappij met een regelmatige verbinding tussen Lagos en Bamako is Air Afrique, daarover bestaat geen twijfel. Allerminst duidelijk zijn de vluchtschema's, die steeds veranderen. Volgens de dienstregeling zouden we op donderdag kunnen vertrekken en de daar op volgende zaterdag weer naar Lagos terug kunnen reizen. Volgens de ticket, die we ruim een week voor vertrek krijgen, reizen we nog wel steeds op donderdag naar Abidjan, waar de aansluitende vlucht naar Bamako net vertrekt als wij landen. De terugvlucht is nog steeds op zaterdag. De ticket wordt gewijzigd. Plots reizen we nu op vrijdag naar Abidjan en kunnen niet eerder door naar Bamako dan zaterdagochtend (voor de volle vlucht van vrijdag staan we op de wachtlijst), de terugreis staat nu op vrijdag. Onze voorgenomen reis wordt steeds korter, maar na enig overleg besluiten we toch maar te gaan. Er zit niets anders op dan ons reisplan aan te passen en we schrappen een door mij hevig gewenst bezoek aan Timbouctou.
Een mogelijke overnachting in Abidjan geeft een nieuw probleem, navraag op de ambassade leert dat we niet van het vliegveld af mogen als we geen geldig visum voor Ivoorkust hebben. Patrick is echter niet in Nigeria en komt pas een dag voor ons vertrek terug.


© Jacques de Rhoter

Printversie