CUBA – EEN REIS DOOR DE NALATENSCHAP VAN CASTRO & CHE – 5 (220621)

Zo'n 50 jaar geleden stapten mijn toenmalige geliefde en ik jaren achtereen vroeg in de avond in Nederland in de auto en zaten dan de dag erna 's middags op het strand van Sitges – een stadje ergens tussen Barcelona en Tarragona – een ijskoude Bacardi met coke te drinken, een Cuba Libre. Geen idee had ik destijds hoe het aan die naam kwam, dat Bacardí, net zoals bij Heineken het geval is, de naam van de familie was die de milde witte rum ruim een eeuw eerder in Cuba voor het eerst had bereid en dat de familie Bacardí nota bene oorspronkelijk uit Sitges kwam. Hoe komt die populaire cocktail aan zijn naam? Daar heb ik een heel eigen verklaring voor: het begon, zeg maar de conceptie van de Cuba Libre, in februari 1898 in de haven van Havana. Daar lag het Amerikaanse oorlogsschip USS Maine afgemeerd om tijdens de Cubaanse onafhankelijkheidsoorlog de belangen van de Verenigde Staten te beschermen, totdat het na een ontploffing aan boord naar de bodem ging. Als gevolg daarvan begon de Spaans-Amerikaanse oorlog die tot het “onteigenen” door de Verenigde Staten van de laatste resten van het Spaanse koloniale rijk zou leiden – de Filipijnen, Puerto Rico, Guam en zo – én op 1 januari 1899 tot de bezetting van Cuba door Amerikaanse troepen. Die zouden nadat in mei 1902 de República de Cuba was uitgeroepen weer terug naar huis gaan. Maar voordat het zover was, ontdekten die militairen die niets beter te doen hadden, zoals ik me nog uit mijn eigen zinloze militaire diensttijd herinner, waar tijdens de vele ijdele uren alcohol genuttigd kon worden. In Cuba was dat in kroegen waar in whiskyglazen een bodempje witte rum werd gedaan en die daarna tot de rand werden gevuld met een cola-achtige frisdrank die ze Cuba Libre doopten. De strijdkreet van de Cubaanse opstandelingen tijdens hun afscheidingsoorlog met de Spanjaarden.

De in 1814 in Sitges geboren Facundo Bacardí Massó ging in 1830 zijn eerder naar het toen nog Spaanse Cuba geëmigreerde broers achterna en verhuisde al doende naar het op zo'n 900 kilometer ten oosten van Havana gelegen Santiago de Cuba. Na zich aan zijn nieuwe vaderland te hebben aangepast, begon hij in 1843 zijn eigen bedrijf, dat 12 jaar later weer failliet zou gaan. Achteraf bezien was dat faillissement het begin het huidige Bacardí-imperium. Toen Facundo noodgedwongen even niets beters te doen had, ontdekte hij een gat in de markt: er was een behoefte aan een rum die veel verfijnder van smaak was dan het ruwe volkse product dat verkrijgbaar was. In de jaren die volgden ontwikkelde hij samen met José León Boutellier een verbeterd distillatie- en rijpingsproces dat resulteerde in een rum die voldeed aan de smaak van hen die rum wilden drinken in plaats van rum te zuipen en aldus werd de Bacardí rum geboren. Nadat Castro aan de macht was gekomen werd het florerende bedrijf genationaliseerd en vertrok de familie weer uit Cuba, hetzelfde gebeurde overigens met de oprichtersfamilie van Havana Club, de andere populaire Cubaanse rum. Tot op de dag van vandaag zit er echter nog een addertje onder het gras omdat Bacardí ooit het recept van de Havana Club rum had gekocht en onder die naam nu al meer dan 25 jaar rum produceert en verkoopt, met als gevolg een rumoorlog met de revolutionaire Cubaanse overheid die meent het alleenrecht op dat zich toegeëigende merk te hebben.

En dan is er het mysterieze Havana-syndroom, waardoor de naam van de stad de laatste jaren over de tong ging. Volgens taalkundigen is een sydroom een ziekteverschijnsel waarvan men (nog) niet weet wat de oorzaak is en die in dit geval naar Havana werd vernoemd omdat het daar tussen eind 2016 en juni 2017 door medewerkers van de Amerikaanse ambassade, diplomaten en spionnen zou zijn opgelopen. Die kregen onverklaarbare klachten over gehoorverlies, misselijkheid, hoofdpijn, duizeligheid, en zo. Volgens een eind vorig jaar door de Amerikaanse National Academy of Sciences gepubliceerd rapport zouden die klachten het gevolg zijn van some kind of microwave weapon, van ultrasone geluidsaanvallen, zonder enig bewijs te leveren hoe dat in zijn werk zou zijn gegaan. Ergo: een aanname, waardoor het syndroom nog steeds een syndroom bleef. Daarentegen vonden de biologen Alexander Stubbs en Fernando Montealegro een sterke overeenkomst tussen het ziekmakende geluid dat de Amerikanen in Havana zeiden te hebben gehoord en het geluid dat de Caraïbische kortstaartkrekel in de paartijd maakt om een vrouwtje te lokken. Die wetenschappelijke conclusie werd door Tonie Mudde kort maar krachtig samengevat in de kop van zijn column in de Volkskrant, het ging over diplomatieke rellen, massahysterie en een stel geile krekels. Mijn eigen onwetenschappelijke conclusie heeft niets te maken met ultrasone geluidsgolven of geile krekels, het Havana syndroom is doodgewoon een imaginaire ziekte.

wordt vervolgd