|
COLOMBIA – OVER AFRO'S, BOTERO, ESCOBAR & GARCÍA MÁRQUEZ - 58 (28102017) Dinsdag 28 maart 2017 – Cartagena de Indias – San Basilio de Palenque – Cartagena de Indias Aan de andere kant van het plein staat een matig onderhouden beeld – wat bijvoorbeeld te denken van in 2015 geplaatste gedenksteen aan de voet ervan die alweer naar de gossiemijne is – dat weinig eer bewijst aan de man die aan het begin van de 17e eeuw aan het hoofd stond van een groepje uit Cartagena ontsnapte slaven en die als de stichter van San Basilio de Palenque wordt beschouwd. Het is, in mijn ogen tenminste, ook niet bepaald een artistiek hoogstandje: uit het bovenste van elf slordig gestapelde blokken natuursteen steekt met een hoek van zo'n 45 graden het bovenlichaam van een man die met zijn rechterarm een Hitlergroet lijkt te brengen. Iets dat uiteraard meer opvalt aan iemand met mijn achtergrond dan aan een bezoekende Afro-Colombiaan. Zijn handen moeten geboeid zijn geweest, want om de rechterpols zit een boei, in de linkerhand houdt hij een stuk van de verbroken ketting. Zijn gezicht drukt pijn uit, hij schreeuwt. Of is het een kreet van blijdschap omdat hij zichzelf heeft bevrijd? Naderhand zal ik lezen dat, net zoals bij het beeld van el Hombre Caimán een paar dagen geleden, er jonge mannen uit het dorp model voor hebben gestaan. En ook dat de ketting die oorspronkelijk tussen de boeien zat er op 21 mei 2011, op de Día de la Afrocolombianidad waarop de afschaffing in 1851 van de slavernij in Colombia wordt gevierd, is gesloopt nadat dorpsbewoners hadden geklaagd dat het de slavernij symboliseerde in plaats van de bevrijding ervan. Benkos Boihó zou rond 1595 in Cartagena zijn aangeland en verhandeld door Portugese slavenhalers die daarvoor in die tijd de licencia van de Spaanse kroon hadden, het monopolie. Ze roofden de slaven over het algemeen uit hun koloniën die langs Afrikaanse westkust lagen, tussen het huidige Senegal en Namibië. Afgaande op zijn naam zou hij afkomstig zijn geweest van de Bissagoseilanden, een voor de kust van Guinee-Bissau gelegen archipel, waar hij tot een koninklijke familie zou hebben behoord. Iemand met leidinggevend DNA dus. Een palenque was een nederzetting afgeschermd door houten palen waarachter de cimarrons, de gevluchte slaven, zich zonodig konden verdedigen tegen Spaanse soldaten en/of slavenhouders die op jacht waren naar hun verdwenen eigendommen. Bij zo'n confrontatie dolven de cimarrons meestal het onderspit en werd de palenque vernietigd totdat...... totdat de palenqueros onder leiding van Boihó een guerilla begonnen en andere slaven begonnen te helpen met ontsnappen. Dit resulteerde in 1605 tot een wapenstilstand en in 1612 met een vredesverdrag waarbij de Gouverneur van Cartagena de autonomie van de palenque erkende in ruil voor het beëindigen van de vijandelijkheden, stoppen met ontsnapte slaven op te nemen of te helpen te ontsnappen. En, niet te vergeten, zijn medestanders moesten ophouden om Boihó met koning aan te spreken...... De vreedzame samenleving ging goed totdat in 1619 de nieuwe Gouverneur Don García Girón aantrad die het niet eens was met de door zijn voorgangers gemaakte afspraken. Hij vond dat Benkos Boihó een gevaar opleverde voor de openbare orde vanwege het respect dat hij met zijn leugens en tovenarij bij todas las naciones de Guinea, bij alle slaven in de stad afdwong. Hij werd gearresteerd en op 16 maart 1621 in stukken gehakt. wordt vervolgd |