|
COLOMBIA – OVER AFRO'S, BOTERO, ESCOBAR & GARCÍA MÁRQUEZ - 51 (01102017)
Vrijdag 24 maart 2017 – Barranquilla – Mompox
Het is meer dan de hoogste tijd om Barranquilla achter me te laten en naar Mompox te gaan, een rit van 6 à 7 uur..... Tevens een tweede gelegenheid om goed naar de kustmeren tussen Barranquilla en Ciénaga te kijken én naar de armoedige vissersdorpen. Met de aanleg van de dam waarop we rijden is het ecosysteem op een grondige manier verziekt doordat het zandlichaam waarop het asfalt rust een einde heeft gemaakt aan de getijdenbeweging van de Caribische Zee. Met als gevolg dat zowel aan de landkant als aan de zeekant het mangrovebos, dat gedijt dankzij de getijden die zout aanvoeren, om zeep is geholpen. Aan de zeekant wordt er door de volledige verzilting van de strandmeren op ambachtelijke schaal zout gewonnen, de bomengroei is echter verleden tijd. De boven het wateroppervlak uitstekende resten van boomstammen roepen trouwens herinneringen op aan het Surinaamse Brokopondomeer. Geen fraai gezicht dat dode hout. Het is jammer dat er geen veerdienst meer bestaat op de Magdalenarivier om de ruim 300 kilometer tussen Barranquilla en Mompox lekker langzaam stroomopwaarts op de vroeger gangbare manier – in een geroeide boot, een champan, of een stoomboot – te overbruggen in plaats van zo snel mogelijk met de auto. Hoewel ik op deze manier dan wel voordat het donker wordt kort kennis kan maken met het deel van Santa Cruz de Mompox dat op de Werelderfgoedlijst staat. Het stadje werd in 1537 al door de Spaanse conquistadores gesticht, jawel in de dezelfde tijd dat de Spaanse koning staatshoofd was van de Zeventien Proviciën waaruit de Nederlanden toen nog bestonden.
Vrijwel naast mijn hotel staat de Iglesia de Santa Bárbara, niet de grootste of de belangrijkste van Mompox, maar qua gevel zo niet de mooiste, zeker de meest bijzondere kerk. Dat komt vooral door de ietwat hoekige niet al te hoge toren die naast het kerkgebouw staat, waarvan het net lijkt of de begane grond en de eerste verdieping een koloniaal Spaans huis waren, inclusief een overkapt houten balkon dat uit de gevel steekt. Misschien was het ooit de pastorie, wie weet. Even verderop staat aan de rivier de Piedra de Bolívar – Steen van Bolívar, op het monument staan slechts de datums dat Simón Bolívar tijdens de lange onafhankelijkheidsoorlog tegen de Spanjaarden in Mompox verbleef. Vanaf de eerste keer dat hij in december 1812 aan land ging tot en met de laatste keer dat hij in mei 1830 inscheepte. Verder wandelend komt een krantenartikel tot leven waarin wordt bericht dat tijdens de Semana Santa, de week voor Pasen, de processies hier door de straten trekken, als ik draagtafels zie staan waarop een aantal staties van de kruisweg en andere met Pasen verband houdende gebeurtenissen worden verbeeld met door uit hout gesneden beelden. Die veertien staties werden rond 1740 door Paus Clemens XII officieel vastgesteld en moesten vanaf dat moment in iedere katholieke kerk worden opgenomen. Het Laatste Avondmaal en Jezus met kruis op de schouder onderweg naar Golgotha herken ik gelijk, doch heb geen flauw idee wat een paar met Romeinse soldaten en/of een in het paars geklede Jezus moeten voorstellen. Tot mijn grote verrassing zie ik later op de avond op de terugweg van het restaurant naar het hotel een processie waar een paar van die draagtafels op de schouders van mannen en omringd door gelovigen – of gewoon nieuwsgierigen zoals ik – door de straten worden gedragen. En dat terwijl de Semana Santa pas over twee weken begint. Maar, zo lees ik naderhand, je weet helemaal zeker dat het de “echte” processie is wanneer de straten zijn bezaaid met een bloemen. Vanavond dus niet.
Zaterdag 25 maart 2017 – Mompox
De dag begint verdorie weer eens met een koude douche. “Hebben jullie geen warm water?” vraag ik aan de dames van het ontbijt. “Dat hebben we hier niet nodig,” is hun reactie “de zon verwarmt het water in de tanks op het dak.” Behalve gisteren dan....... Mijn ochtendprogramma ziet er veelbelovend uit: “De gids haalt je om 9 uur op bij het hotel. Hij laat je de belangrijkste plekken in het stadje zien die een grote rol hebben gespeeld in de boeken van Gabriel García Márquez.” De realitiet is echter dat Carmen, de hotelmanager, vlak voor 9 uur één van de gidsen roept die bij het hotel rondhangt. Het is José, dezelfde die me gistermiddag tweemaal aansprak en tegen wie ik toen zei hem niet nodig te hebben. Ik rekende op een specialist en heb zo mijn twijfels over iemand die iedere willekeurige toerist aanspreekt om zijn diensten aan te bieden. Alvorens op pad te gaan bespreek ik in zo'n geval eerst wat me wel en wat me niet interesseert. Dus: geen kerken, kloosters of Bolívar, maar met de nadruk op geschiedenis van Santa Cruz de Mompox, of Mompós zoals het door de inwoners wordt genoemd, en Gabriel García Márquez.
wordt vervolgd
|