COLOMBIA – OVER AFRO'S, BOTERO, ESCOBAR & GARCÍA MÁRQUEZ - 33 (31072017)

Zaterdag 18 maart 2017 – Medellín
Op het vliegveld Olaya Herrera van Medellín botste op 24 juni 1935 het vliegtuig waarin Carlos Gardel zat bij het opstijgen tegen een ander vliegtuig. Beide vlogen in brand, de destijds razend populaire Gardel was één van de 17 slachtoffers van de ramp. De herinnering aan de tangozanger wordt op meerdere plaatsen in de stad levend gehouden, te beginnen op het vliegveld natuurlijk. Daar ligt naast de terminal de Plaza Gardel waarop een strak beeld staat van de zichzelf op de gitaar begeleidende Carlitos, zonder zijn karakteristieke hoed maar met een tango dansend paar in zijn schaduw. Niet echt geweldig. In de vertrekhal ernaast is op een lage zuil een ingelijste herinnering geschroefd ter gelegenheid van de 60ste verjaardag van zijn dood. Tegen de rode achtergrond is het gezicht van de glimlachende zanger afgedrukt met ernaast IN MEMORIAM 1935 – 1995. Er omheen zijn de voor dit werelddeel gebruikelijke plaquettes op de muur bevestigd met eerbewijzen van fans en Argentijnse voetbalclubs die in Medellín op bezoek waren. Op diezelfde 24 juni had een voortijdig einde kunnen komen aan het leven én de carrière van een andere Argentijnse tangogrootheid. “Laatst hoorde ik op de radio een interview met de zoon van Astor Piazzola,” schrijft een goede vriend uit Buenos Aires. “Hij vertelde dat Gardel voor zijn fatale tournee aan Nonino, Astor's vader, had gevraagd of Astor, die hem al eens eerder had begeleid, mee mocht op de tournee. Om redenen die de kleinzoon niet kent, had Nonino Astor niet laten gaan.” En wat ik nog leuker vind is dat toen ik dat naderhand aan een goede vriendin vertelde, die bekende dat toen ze Pizazzola in 1978 in het voorprogramma van Georges Moustaki in het Parijse Olympiatheater had zien optreden hij zo'n indruk op haar had gemaakt, dat ze sindsdien aan de tango verslaafd is! En dan te bedenken dat ze tot kort daarvoor haar leeftijd verschrikkelijk geheim hield en in zware nevelen hulde.

De volgende stop is de Salón Málaga, waar de muren vol hangen met foto's van tangogrootheden waarvan ik alleen maar Gardel herken. Er staan een paar prachtige klassieke Wurlitzer jukeboxen, klassieke grammofoons zoals in het logo van het platenlabel His Master's Voice, en bakelieten radio's uit vervlogen tijden. Op de achtergrond klinkt klassieke tangomuziek, de tinto wordt geserveerd in porseleinen theekopjes en mede door de sfeer die er hangt, smaakt de koffie extra lekker. Er is een klein podium waarop af en toe “echte” muziek schijnt te worden gespeeld waar dan op kan worden gedanst, maar niet om 10 uur op een zaterdagmorgen. Na de vliegramp werden de stoffelijke resten van Carlos Gardel tijdelijk gestald op San Pedro, de in 1841 in gebruik genomen begraafplaats die in 1999 werd uitgeroepen tot nationaal monument, hoewel zonder Gardel want die ligt in Buenos Aires op la Chacarita. Op de plaats waar de stoffelijke resten van de zanger korte tijd verbleven, staat een gedenksteen die bevestigt dat hij hier was begraven. San Pedro is hoe dan ook een fraaie en goed onderhouden begraafplaats waarvan het centrale deel wordt gevormd door een aantal “cirkels” die er op de plattegrond zo'n beetje uitzien als die van het Colosseum in Rome. Van de binnenste cirkel naar buiten toe, op de manier van de kringen die in het water ontstaan als je er een steentje ingooit, gaan de graven van groot naar klein. Van de grafkelders en de tombes met beelden van steen, marmer of koper die geloof en/of verdriet van de rijken uitdrukken, tot de kleine gestapelde “schoenendozen” van de minder draagkrachtigen in de buitenmuur die vaak zijn opgesierd met veelkleurige plastic bloemen. Ik wandel graag door dit soort oases van rust in een drukke stad, hoewel ik de uitingen van verdriet soms was oubollig en overdreven vind. “SIEMPRES ESTARÁS IN MI CORAZON” vermelden een lelijk stukje plastic en de spiegel met een groot rood hart erop waarin een smartlapachtige tekst het verdriet van de nabestaanden beschrijft, zou ik voor geen goud in de buurt van mijn toekomstige graf willen hebben. Hoewel het reglement met geboden en verboden bij de ingang het maken van foto's zonder voorafgaande toestemming verbiedt, loop ik zonder die toestemming toch te fotograferen. Niemand die er iets van zegt tot tegen het einde van mijn wandeling, als vrijwel alle foto's al zijn gemaakt, een oplettende en zijn taak serieus opvattende beveiliger ernaar komt informeren. “Hij wilde alleen maar een foto maken van de tombe van Gardel,” jokt mijn begeleider, ik doe net of ik geen Spaans spreek. Aan het einde van de wandeling moet de plattegrond die we hadden meegekregen worden ingeleverd of voor de tegenwaarde van €1 worden gekocht. Betalen kan alleen bij de administratie waar eerst een factuur wordt uitgeschreven en na de betaling van de verschuldigde 3.000 pesos een reçu. Beide worden voorzien van een stempel dat het bedrag is voldaan met eronder de handtekening van Leticia Duque Duque ter bevestiging dat zij het genoemde bedrag heeft ontvangen. Aldus lever ik mijn bescheiden bijdrage tot het in stand houden van de bureaucratie.

wordt vervolgd