COLOMBIA – OVER AFRO'S, BOTERO, ESCOBAR & GARCÍA MÁRQUEZ - 17 (06062017)

Dinsdag 7 maart 2017 – San Agustín – El Estrecho – Obando – San José – San Agustín
Zo maar ergens aan de linkerkant van de weg staan er in de diepte in een weiland vijf beelden onder een afdakje, dat is “el Tablon.” Zo'n rijtje beelden dat doet denken aan die ik ooit op het Paaseiland zag. Het zijn er hier qua grootte en aantal minder, maar net zoals daar ontbreekt nadere tekst en uitleg. Iets verderop langs dezelfde landweg is de vooralsnog niet zichtbare “la Chaquira” te bewonderen. De auto wordt geparkeerd, een eindeloos lijkende afdaling begint. Halverwege slaat bij mij de twijfel toe, want op de terugweg wordt het eindeloos klimmen. Volgens de gids zijn we al ruim over de helft en heeft het weinig zin om om te keren. Bovendien kom ik hier vrijwel zeker nooit van mijn leven nog eens en kan dus maar beter doorlopen. Als extra aanmoediging wordt me een adembenemend uitzicht over de vallei beloofd en aldus laat ik me weer eens met een natte vinger lijmen. We arriveren bij de in een grote steen gehakte vrouwenfiguur met een groot hoofd en opgeheven armen, ze kijkt oostwaarts naar het daar gelegen ravijn, het bijzondere eraan is verder dat de afbeelding in haar oorspronkelijke staat bewaard is gebleven. Naar men vermoedt werden er hier astronomische waarnemingen gedaan die van belang waren voor de landbouw. Nou ja, nu ik hier eenmaal ben, dan toch ook nog maar even verder afdalen naar het uitkijkpunt met zicht op een grote diepe vallei, watervallen, koffieplantages, heel, heel ver in de diepte stroomt de Río Magdalena en overal om ons heen heerst een weldadige rust.

Gistermiddag zag ik aan het einde van de dag langs de weg van Pitalito naar San Agustín de nodige steenbakkerijen staan. Vooral de grote steenovens intrigeerden me, maar het regende en schemerde al en ik wilde voor het donker in mijn hotel zijn. Vanmiddag een herkansing. Bij de gemeentegrens van San Agustín bekijk ik eerst het tegen de rotswand geplakte altaar van de Virgen de Aránzazu en alle dankbetuigingen voor de “favores recibidos” en zelfs “milagros” die er omheen zijn aangebracht. Een ding is zonder meer duidelijk: ongeacht wat de gelovigen aan de Maagd vroegen, hun gebeden werden verhoord. Nog geen vijftig meter eerder staat de afbeelding van een andere min of meer heilige op de rotswand: Che Guevara, zonder bloemen en zonder dankbetuigingen. De steenovens lijken vannacht van de aardbodem te zijn verdwenen, het grote aantal dicht bij elkaar dat nog op mijn netvlies staat, is onvindbaar. In het centrum van Pitalito keren we om en ik zal me tevreden moeten stellen met de paar ovens die er daar langs de weg staan, maar die lang niet zo imposant zijn als die ik me herinnerde gezien te hebben. Als ik met de telelens een foto probeer te maken van de oven van Ladrillero Apolo die nogal een stuk van de weg ligt, stelt Harold voor het fabrieksterrein op te rijden om foto's van dichterbij te kunnen maken. Het kantoor ligt er verlaten bij, niemand in de buurt om toestemming te vragen, totdat aan de achterkant van een van de twee ovens stemmen klinken. Arbeiders zijn bezig om versgebakken stenen in een bestelauto te laden. Ze vinden het geloof ik nogal raar dat ik vraag of het goed is om wat foto's te maken, houden op met laden en moedigen me aan de lege oven in te klimmen om beter te kunnen zien wat de rij zwartgeblakerde gaten onder in de muur voor functie hebben. Het is een soort tunneltje waar kolen worden gestort om de oven te stoken, binnen in de oven ligt daar een rooster overheen waarop de te bakken stenen worden geplaatst. De ovens worden iedere vrijdag gevuld en aangestoken en na het weekeinde is dan een nieuwe lading stenen klaar. Slim bedacht, op die manier kunnen de mannen maandag gelijk weer met uitladen beginnen. “Wilt u niet even in de volle oven kijken? El Negro haalt wel even een ladder.” De Afro-Colombiaan die Henrique heet, zet de ladder tegen een van de verticale sleuven in de zijmuur en kort daarna sta ik boven op de versgebakken oranjebruine stenen foto's te maken. Het is inmiddels weer gaan regenen, tijd om terug te gaan naar het hotel. Daar is het 's avonds in de eetzaal opnieuw donker en zijn de tafels al gedekt voor het ontbijt van morgen, ondanks dat er een uitgebreide menukaart op de kamer ligt en vanmiddag letterlijk een buslading nieuwe gasten is gearriveerd. Excuus: de leveranciers hebben ons vandaag in de steek gelaten. “Lulkoek” is het enige dat mij te binnen schiet. De verrassingsbezoeken aan de panelafabriek en de steenovens waren echter zo leuk, dat dit gedoe mijn avond niet kan bederven. Om de hoek zit uiteindelijk een prima pizzarestaurant.

wordt vervolgd