COLOMBIA – OVER AFRO'S, BOTERO, ESCOBAR & GARCÍA MÁRQUEZ - 9 (07052017)

Vrijdag 3 maart 2017 – Bogotá – Zipaquirá – Villa de Leyva
De dag begint veel te vroeg omdat de receptie ten onrechte vermoedt dat ik bij het Franse gezelschap hoor dat in het hotel logeert. En dat terwijl ik had willen uitslapen. In vrij korte tijd van Buenos Aires naar Rotterdam reizen – tijdverschil 4 uur – om een paar dagen later door te reizen naar Bogotá – tijdverschil 6 uur – verstoort het slaapritme behoorlijk. Het zal nog wel een dag of wat duren voordat de lichaamsklok weer synchroon loopt met de lokale tijd. Het onrustige slapen komt in ieder geval niet door spanning of opwinding vanwege het aanstaande vertrek uit Bogotá. Iets dat het drukke stadsverkeer overigens zo lang mogelijk probeert te voorkomen. Zodoende kan Harold, mijn chauffeur voor de komende dagen, de informatie die ik eergisteren over de rosse buurt “la Tolerancia” kreeg ongevraagd verfijnen tot en met een prijsindicatie voor een wip met één of meerdere partners m/v. Hij geeft verder duidelijkheid waarom de wijk “Cartucho” zo wordt genoemd. Het complex met de veelkleurige gevel ligt namelijk midden in een buurt van de “recicladores” die in Buenos Aires “cartoneros” worden genoemd. Mensen aan de onderkant van de samenleving die door het inzamelen van oud papier, flessen van glas en plastic, blikjes en zo, een bestaan bij elkaar scharrelen.

De eindbestemming vandaag is Villa de Leyva met een tussenstop in Zipaquirá, alwaar in een zoutmijn een kathedraal is gebouwd. Ik kan mij daar niet zoveel bij voorstellen, waardoor het ook niet al te zeer kan tegenvallen. De wandeling naar de ingang van de voormalige mijn alleen al is de moeite waard door de aankondigingen van wat gaat komen en de waarschuwingen die bij dit bezoek horen om de gastheer/vrouw bij voorbaat van iedere vorm van aansprakelijkheid te ontslaan indien de bezoeker iets zou overkomen. Dat laatste is overigens, zoals overal ter wereld, voor niemand die in de rij staat te wachten een reden om af te zien van het bezoek aan de “Catedral de Sal.” Het stoere reliëf van hard werkende mijnwerkers boven de ingang zou in het voormalige Oostblok niet hebben misstaan, net zomin als de zwaar overdreven veiligheidsregels zouden misstaan in de overgereguleerde hedendaagse Europese Unie. Het komt goed uit dat er even gewacht moet worden voordat de volgende groep de mijn in mag, dat geeft gelegenheid om het grote blauwe bord met veilgheidstips dat er hangt even te bestuderen. De tips bestaan enkel uit tekst: Ga niet verder indien u last heeft van: 1. ruimtevrees of 2. hartklachten, 3. zonder begeleider indien u bent gehandicapt, 4. zonder begeleider indien u jonger dan 5 jaar bent of ouder dan 70, 5. zorg ervoor dat u de ontsnappingsroutes, verzamelpunten en de soorten alarm kent, 6. respecteer de veiligheidszones, de borden met aanwijzigingen en de verboden zones, 7. ga niet alleen naar binnen, u zou kunnen verdwalen. De verboden zijn samengevat in pictogrammen met een kprte verklarende tekst: Toegang verboden voor: 1. huisdieren, 2. wapens, alcholhoudende dranken en personen die dronken zijn, 3. voorwerpen die vonken of vuur kunnen veroorzaken, 4. telefoon uitschakelen en altijd de instructies van de gids volgen, 5. draag passend schoeisel (geen naaldhakken volgens het pictogram), 6. roken niet toegestaan.

“Aquí encontrarás ... Hier gaat u kennis maken met een collectie religieuze beelden vervaardigd uit zout en marmer, ze behoren tot de belangrijkste uitingen van Colombiaanse architectuur en kunst ...” Staat er als extra aanmoediging bij het begin van de met houten paaltjes afgetimmerde en rood verlichte mijngang, waarna je de EJE SACRO, de heilige as binnen gaat die de bovenwereld verbindt met het ondergrondse heiligdom. Het wordt mij snel duidelijk dat het om een Via Crucis gaat waarvan de staties gewoonlijk langs de wanden van katholieke kerken hangen en hier onderweg naar de kathedraal in grotten staan. Af en toe een uit zout gehakte engel, maar vooral kruizen in velerlei maten en uiteindelijk de immense kathedraal. 't Is meer de bijzondere ervaring dan iets anders, want ik heb helemaal niets met al die engelen en kruizen van zout, met de kopie van een werk van Michelangelo uit de Sixtijnse Kapel, souvenirwinkeltjes diep onder het aardoppervlak, noch met een koffiebar die garandeert op 180 meter onder de grond Colombiaanse koffie te schenken. Ernaast is een namaak smaragdmijn waar je naar binnen wordt gezogen met het doel om aan het eind van de rit wat van die stenen te kopen. Vergeefse moeite wat mij betreft. Ik ben alleen maar bezig om wat tijd te doden totdat het orgelconcert in de kathedraal gaat beginnen, iets dat het hele bezoek de moeite waard maakt. Het is een ervaring die alle tot nu toe ietwat popie jopie-achtige beelden naar de achtergrond dringt. Nou ja, bijna dan. Want waarom moet er nu tegelijkertijd een lichtshow de wanden van de kathedraal iedere minuut van kleur doen verschieten? Wie zei toch ook alweer “wansmaak is ook een smaak?” Zonder enige tegenzin loop ik daarna de mijn weer uit en overtuig de chauffeur ervan me kort te laten zien hoe Zipaquirá er bovengronds uitziet.

wordt vervolgd