|
EEN KOUDE OORLOG EN EEN PAAR WARME (01082018) Of ik zin heb om een stuk te gaan wandelen, dan zal ze me wat restanten van de Koude Oorlog laten zien. Omdat dit een soort sollicitatiegesprek is, stel ik me ondanks het gure weer meegaand op. En dat terwijl ik me eerlijk gezegd niet erg goed kan voorstellen dat er ergens waar de rivieren de Maas en de Waal elkaar bijna raken een plek is die nog maar zo kort geleden een enorme strategische waarde had. Maar omdat ik er sowieso meestal wel voor in ben om wat bij te leren, laat ik mij in de Bommelerwaard gewillig meevoeren naar Rossum. Vanaf de plek waar de auto wordt geparkeerd is links de Waal te zien en, met een beetje moeite, rechts de Maas. Na een paar honderd meter over een dijk te hebben gelopen, die parallel aan het Kanaal van Sint Andries ligt dat beide rivieren verbindt, komt de Sluis Sint Andries in beeld. Die is uiteraard nodig omdat het waterpeil in beide rivieren nogal verschilt, alweer iets waar ik veel te weinig van weet en/of van begrijp. En dat terwijl ik zo'n beetje met uitzicht op de Waal in Nijmegen ben geboren en sinds kort in Frankrijk in het département Meuse – département 55 – vrijwel aan de oever van de Maas woon. Hoewel die twee steden honderden kilometers bij elkaar vandaan liggen en niet die paar kilometer die de twee rivieren hier bij de sluis van elkaar scheiden. Daar aangekomen steken we het kanaal over en staan dan in het Land van Maas en Waal waar we gelijk links afslaan, richting Koude Oorlog. Vanaf de overkant zie je niet niet meer dan een dijk waar boven het struikgewas en de niet al te hoge bomen een luchtige structuur uitsteekt die tijdens de Koude Oorlog (1945 – 1991) een belangrijke functie had. Maar als we over die dijk lopen, staan we na een paar honderd meter opeens bij de resten van de aan de voet ervan gelegen toegangspoort van een oud fort, van Fort Sint Andries. Het eerste fort met die naam werd in de 80-jarige oorlog tijdens het Beleg van Zaltbommel (1599) door kardinaal Andreas van Oostenrijk – ook de naamgever? - ongeveer op deze plaats gebouwd. De kardinaal was plaatsvervangend Gouverneur-Generaal van de Zuidelijke Nederlanden, het fort lag zo'n beetje op de grens met de Noordelijke Nederlanden, die zich in 1581 met het Plakkaat van Verlatinghe onafhankelijk hadden verklaard. Het fort was het grootste dat de Spanjaarden in de Nederlanden zouden bouwen en had als doel de Maas en de Waal te controleren. Nou dat deden ze maar heel kort, want al in 1600 viel het fort in handen van Maurits van Nassau. Na de 80-jarige oorlog raakte het in verval en toen de Fransen in 1795 in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden bezetten, staken ze het in brand. Bij de aanleg van de nieuwe Nederlandse waterlinie, zo rond 1815, werd er een nieuw Fort Sint Andries gebouwd, dat zelfs tijdens de Duitse bezetting nog in gebruik was. Toen tegen het eind van de oorlog Britten en Belgen de aanval op het fort inzetten, werd het door de terugtrekkende Duitsers opgeblazen en het werd na de bevrijding nog verder gesloopt om met het puin wegen te verharden. En via wat nu nog rest van een paar eeuwen warme oorlogen lopen wij naar een overblijfsel uit de Koude Oorlog. Op de dijk, of wellicht op de kantelen van het oude fort, staat een zeer “luchtig” bouwwerk. Een toren van een meter of 10 hoog die is gebouwd met eenvoudige geprefabriceerde betonnen elementen, langwerpige repen die bestaan uit open “lijstjes” van zo'n 15 x 15cm, waardoor je dwars door de toren heen kunt kijken. 't Is net LEGO, maar het is het oer-vaderlandse Raat Bouwsysteem. Aan de voet staat gelukkig een bord met uitleg; “Luchtwachttoren. In 1955, tijdens de Koude Oorlog, werd op het Fort Nieuw Sint Andries een luchtwachttoren gebouwd. In heel Nederland stonden uitkijkposten en samen vormden ze een netwerk waarmee laagvliegende vijandelijke vliegtuigen waargenomen konden worden. In 1964 werd de militaire functie van de toren opgeheven.” Er stonden in Nederland maar liefst 276 uitkijktorens die werden bemand door het speciaal daarvoor opgerichte Korps Luchtwachtdienst, een onderdeel van de Koninklijke Luchtmacht. Dat Korps bestond geheel uit vrijwilligers die in de omgeving van de torens woonden. Boven op iedere toren was een open platform van waaraf het luchtruim werd afgespeurd met kijkers en op het gehoor om eventueel onder het radar – toen zo'n 900 meter – vliegende vijandelijke indringers te kunnen betrappen. Door de toenemende snelheid van de vliegtuigen en de verbeterde radar behoorde de vliegtuigwaarneming met het oog en het oor na minder dan 15 jaar al weer tot het verleden. Wij hebben vanaf de voormalige uitkijkpost nu een mooi gezicht op de Maas en op de Waal, op de sluis en de ruïne van het fort in de kuil beneden. En wat de afloop was van het sollicitatiegesprek waar de kennismaking met dit stukje vaderlandse geschiedenis deel van uitmaakte? Na een korte proeftijd bleek ik jammer genoeg toch niet de ideale kandidaat te zijn. |