|
CARGO CRUISE – dagboek van een zeereis - 9 (27092015)
Maandag 7 september 2015 – haven van Valparaíso – Chili
't Regent, het waait, de bovenkant van zowel Valparaíso als Viña gaat schuil achter de laaghangende bewolking. Er staan schuimkoppen op het water, de windzakken op de hoge containerkranen staan haaks op de masten. Vannacht is de belading van de Sambhar begonnen, ik begin met het uitpakken van mijn koffer en het “inrichten” van de laden en kasten. We hebben inmiddels een ID-kaart gekregen waarmee we misschien de wal op kunnen. Ik heb er geen zin in, ik heb er verder niets te zoeken, ik heb voorlopig afscheid genomen van de wal en ben bezig met het verkennen van mijn nieuwe omgeving. Niet dat zoiets een hele dag in beslag neemt, want de ruimte is beperkt. Gewoon een praatje aanknopen met deze en gene, waar het gym is, waar de wasmachines staan, wat er op de diverse dekken is te zien en vooral wat er op de met apparatuur volgestouwde brug is te zien. De brug is de enige plek waar over de horizon heen kan worden gekeken nietwaar en waar iemand staat die je op een kaart kan aanwijzen waar het schip ten opzichte van de kust vaart. Tenzij we, zoals vandaag, aan de kade van een haven liggen. Vandaag is het enige nieuws dat we pas morgen ergens na het middaguur zullen vertrekken omdat het laden te langzaam gaat. Als ik tegen een uur of elf ga slapen, is het klappen van de containers op het dek gestopt. Raar, want ze zouden de hele nacht doorwerken.
Dinsdag 8 september 2015 – Zuidelijke Stille Oceaan – ter hoogte van La Serena – Chili
Even na 4 uur word ik wakker door een trilling die door het schip trekt en een nieuw geluid: de machines zijn gestart. Omdat het losgooien van de trossen pas voor 12 uur op het vaarschema staat, denk ik dat men aan het warmlopen is en draai me weer om. Na een kwartier of zo krijg ik toch de indruk dat de Sambhar beweegt, kijk naar buiten en zie dat het schip langzaam afstand van de kade begint te nemen. Ik kleed me snel aan en klim buiten langs naar de brug, waar ik zowaar de Kapitein voor het eerst zie. De Chileense loodsen geven rustig aanwijzingen, die door de Kapitein via de portofoon worden doorgegeven. De wolken en mist zijn vannacht opgetrokken, het stratenplan van Valparaíso is aan de hand van de straatverlichting te ontwaren. Aan de andere kant van de baai hangt laag boven Viña del Mar een prachtige nieuwe maan, het is net alsof daar de vlag van een Islamitische staat in wording is gehesen. Sinds zondag geen nieuwsberichten meer gehoord of gezien en je weet maar nooit. Als de loodsen van boord zijn en het schip zowaar onderweg is, kruip ik mijn bed weer in. De regelmatige deining van de Stille Oceaan wiegt me voor het eerst in slaap.
Een paar uur later zitten we op volle zee, de kust is niet langer zichtbaar en dus ook de Andes niet. Op dat laatste had ik zo gerekend. Yves heeft mij gevraagd hem te komen helpen met het oplossen van een paar computerproblemen, dat komt mij goed uit want ik ben zeer benieuwd naar zijn hut: de Owner's Cabin. Die hut is slechts €10 per dag duurder dan de andere hutten en had mijn voorkeur. Maar helaas niet meer beschikbaar, was al geboekt door Yves dus. Voor die €10, zo zie ik nu, krijg je een slaapkamer en een salon die samen bijna twee keer zo groot zijn als mijn hut! Ik ben jaloers en niet zo'n beetje ook. Er is een positieve verrassing als we voor de lunch aan tafel schuiven. Op onze tafel staat een fles rode wijn en een fles witte wijn, terwijl in de reisvoorwaarden nadrukkelijk stond dat alcohol en drugs verboden waren. Arturo, de mess boy, legt uit dat de passagiers op zee wijn krijgen geserveerd en dat die in de havens achter slot en grendel gaat. De zoveelste afwijking van de strenge reisregels. Op de brug had ik gezien dat het schip maar voor 25% is beladen, 's avonds bij het natafelen hoor ik dat het schip perse op de geplande tijd bij het Panamakanaal moet zijn omdat het anders de geboekte plaats kwijtraakt en het risico loopt een à twee dagen te moeten wachten. Daarom heeft men besloten om in Valparaíso lading op de kade te laten staan en te vertrekken. “Cut and run” heet dat in vaktermen. Rond een uur of acht 's avonds varen we ergens tussen La Serena en Huanco, op de radar zie ik rode stippen die golven zijn en niet andere schepen. “Dit is een gebied dat bekend staat vanwege de zware deining,” licht Vincent, de 3e officier die de wacht heeft, toe.
Eerste boek gelezen: Het negende schrift van Maya geschreven door Isabel Allende (366 pagina's). Gekocht in Rotterdam in juli 2015. Gelezen in september 2015 aan boord van de CMA CGM Sambhar varend langs de kust van Chili.
wordt vervolgd
|