|
ROUTE LE CORBUSIER – 25 (06122014)
Dag 10 – Douaumont – Maasdal - Ligne Stratégique.
Verder noordwaarts staat in een weiland even voorbij Dun-sur-Meuse een verkapt oorlogsmonument dat niet direct als zodanig is te herkennen. Van een totaal andere orde dan het ossuarium van Douaumont, de vele kleine oorlogsbegraafplaatsen langs de weg of de talloze monumenten voor de gevallenen van beide wereldoorlogen waarvan er in ieder dorp tenminste wel eentje staat. Daar in de wei staat een spoorwegviaduct zonder kop of staart, een restant van de “Ligne Stratégique.” Dat was – hier althans – een stukje militair dubbelspoor dat in de jaren 30 van de vorige eeuw werd aangelegd om de Maginotlinie in de buurt van Longuyon makkelijker per trein te kunnen bereiken en te bevoorraden met mannen en materieel. Hoewel het aanvankelijk de bedoeling was dat er ook passagiers- en/of vrachtvervoer plaats zou kunnen vinden, is dat nooit gebeurd. Tot vlak voor het begin van de oorlog passeerden er sowieso geen treinen, met uitzondering van die ene speciale trein die de toen nog niet afvallige Maarschalk Pétain in augustus 1937 naar het nabijgelegen Montfaucon vervoerde. Waar het viaduct toe diende komen we te weten van een paar mannen die gaan vissen in een meertje dat erachter ligt. “Ik heb hier nog treinen zien rijden,” beweert de oudste. Dat moet vrijwel zeker in de maanden voor het begin van de Tweede Wereldoorlog zijn geweest. De lijn werd in 1940, kort na de Duitse inval, deels opgeblazen door terugtrekkende Franse troepen. In 1941 herstelde de bezetter één van de twee sporen, het andere spoor werd in 1943 ontmanteld om aan het Oostfront te worden hergebruikt. Tegen het einde van de oorlog was het de beurt aan de Duitsers om het spoor onbruikbaar te maken, de lijn zou nooit worden hersteld en werd in 1951 definitief buiten gebruik gesteld. In de buurt van Dun zijn verschillende restanten van het lijntje te zien, met name viaducten. Oorlogsarchitectuur te over in deze regio en ook nog eens van ruw beton, Corbusier's favoriete bouwmateriaal. Weer iets verder naar het noorden, bij la Ferté, ligt een laat toegevoegde buitenpost van de Maginotlinie. Verder is er bijna geen landweg waar je niet langs een bunker of een ander verdedigingswerk komt. Achteraf allemaal net zo weinig effectief om Frankrijk te verdedigen als dat treinviaduct en de Ligne Stratégique. We rijden onder de grens met België door de Champagne Ardennen op zoek naar iets dat we niet kunnen vinden en realiseren ons opeens dat we op minder dan vier uur rijden van huis zijn. Nog een nacht in een hotel of doorrijden? Het wordt doorrijden.
Dag 11 – Casa Curutchet – La Plata – Argentinië.
Tja en dan beginnen in wat de NRC tegenwoordig op z'n Corbu's “de verticale stad” noemt gelijk de ontwenningsverschijnselen omdat we vandaag wel veel beton, doch niets van Le Corbusier hebben gezien. Ik wist van tevoren dat het zou gaan komen en ben er op voorbereid, al bijna twee jaar. In november 2011 bezocht ik het enige door Le Corbusier ontworpen huis dat in Zuid-Amerika werd gebouwd: Casa Curutchet in La Plata, de hoofdstad van de provincie Buenos Aires. Het huis heeft als decor gediend voor de Argentijnse film “El Hombre de al Lado – De Man van Hiernaast”, daarvan heb ik een DVD bij me die nu goed van pas komt om die opkomende heimwee meteen de kop in te drukken. En als dat niet afdoende zou zijn, heb ik als reserve “La Máquina de Habitar – de Machine om in te Wonen” klaarliggen, een documentaire over het huis. Le Corbusier bezocht Argentinië in 1929 om op uitnodiging van de Sociedad Amigos del Arte negen lezingen te geven. Naar ik vermoed over het modernisme. De uit betere kringen afkomstige schrijfster Victoria Ocampo verzocht hem van te voren om een ontwerp te maken voor een modernistische villa die ze wilde laten bouwen. Ze kreeg een gerecyclede versie voorgeschoteld van een niet uitgevoerd ontwerp, het zou opnieuw niet worden uitgevoerd. De opdracht ging naar de Argentijnse architect Alejandro Bustillo, niet omdat die een beter ontwerp had gemaakt, maar omdat “ze meer behoefte had aan een ervaren vakman om haar droom te verwezenlijken, dan aan een moeilijke artiest of polemische jongere man.” Flauwe kul, Bustillo was twee jaar jonger dan Le Corbusier. Die villa – in de wijk Palermo Chico – ziet er loodzwaar uit in vergelijking met het huis dat ruim twintig jaar later in La Plata zou worden gebouwd. Net zoals Villa E1027 van Eileen Gray aan de Côte d'Azur wordt de Villa Ocampo in Buenos Aires ten onrechte vaak aan Le Corbusier toegeschreven. Als je het overige werk van Bustillo bekijkt, bijvoorbeeld het “Monumento a la Bandera” in Rosario, is dat heel begrijpelijk. De rest van zijn oeuvre Is ver verwijderd van het modernisme en ik vraag me zelfs af of hij in staat zou zijn geweest een dergelijk modern huis te ontwerpen. Misschien is er onder druk van Ocampo wel leentjebuur gespeeld bij het ontwerp van Le Corbu, hetgeen me niets zou verbazen.
wordt vervolgd
|