|
CHILEENSE COLLAGES – 9 (25042012) Woensdag, 28 maart 2012 – Puerto Edén – Golf van Penas. Tijdens de ochtendlezing over flora en fauna in Patagonië wordt vast vooruitgelopen op de oversteek later vandaag van de Golf van Penas. Daar lot de vaarroute door het onbeschutte water van de Stille Oceaan. “Neem na de lunch gelijk uw tabletjes tegen zeeziekte in”, adviseert Mauricio, de inleider, hoewel de verwachting is dat de golven niet hoger dan drie meter zullen zijn. De oversteek naar rustiger water zal ongeveer twaalf uur duren, morgenochtend rond vier uur zullen we het Darwinkanaal binnen varen. Daarna, zo wordt beloofd, zal het “smooth sailing” zijn tot aan Puerto Montt, het eindpunt van de reis. De maaltijden aan boord zijn eenvoudig, de haute cuisine van de Stella Australis is vervangen door de basse cuisine van de Evangelistas. Voedzaam, meer niet. Toch is er een verrassend dessert van onbekend fruit. “Wat is dit?”, vragen meerdere passagiers aan de chefkok. “Pepino de puta”, antwoordt de man met een stalen gezicht. Vrij vertaald: een hoerenkomkommer. Als je de vrucht door midden snijdt, zoals ik aan de lunchtafel doe, én over een ietwat ruime fantasie beschikt, begrijp je het grapje van de kok meteen. Want dan heeft zo’n halve vrucht toch best wat weg van een mooi geschapen vagina. “Solanum muricatum” is de Latijnse naam van de zoete waterige op een peer lijkende vrucht met paarse strepen op de schil. Bij de groetenboer in Valparaíso heet dat ding een week later echter keurig burgerlijk “pepino”, “komkommer”, zoals de overbekende groene naamgenoot. Donderdag, 29 maart 2012 – Darwinkanaal – Moraledakanaal – Golf van Corcovado. Vannacht was het een paar uur lang terug in de tijd. De tijd dat ik op de Scheveningse logger “Oceaan 7” verbleef, die drie mijl uit de kust van de Noord-Engelse badplaats Scarborough in de Noordzee voor anker lag. Vanuit het voormalige visruim zond het commerciële radiostation Radio 270 uit, een collega van Radio Veronica, Radio Caroline, Radio London, Radio Noordzee en alle andere “piratenzenders” die door in internationale wateren te gaan liggen de Nederlandse en Engelse wetgeving ontdoken die het uitzenden van reclameboodschappen verbood. In de geïmproviseerde studio’s stonden zeevaste draaitafels voor de 45 en 33 toeren platen van vinyl, digitale geluidsdragers moesten nog worden uitgevonden. Als het hard waaide, zoals vannacht in de Golf van Penas en het schip ietwat begon te dansen, dan was je blij dat je absoluut niet uit je kooi kon vallen. Die kooien waren drie hoog in de neus van het schip getimmerd en hadden niet meer dan een een kleine vierkante opening waardoor je slechts met moeite in bed kon klimmen. Hoe het schip ook rolde, er uit vallen was onmogelijk. In de Evangelistas zijn de stapelbedden in de breedterichting gebouwd, ik lig in de bovenkooi, het schip rolt van links naar rechts, bij iedere golvende beweging voel ik mijn lijf van beneden naar boven en omgekeerd schuiven. Net als toen, ben ik ook nu zeer te spreken over mijn zeeziektebestendige lichaam en word door de oceaan in slaap gewiegd. Vroeg in de ochtend hebben we de open zee achter ons gelaten en varen door het vrijwel rimpelloze water van het Darwinkanaal. De koeien in het ruim zijn tot rust gekomen, het klaaglijke loeien is opgehouden. De dieren, die na aankomst in Puerto Montt zullen worden verkocht, staan tijdens de reis op een dieet van water en hooi, hun eindbestemming is onbekend. Het kan een andere veehouder zijn of het slachthuis. De eetzaal is in tegenstelling tot het diner van gisteravond, toen er opvallend weinig passagiers honger hadden, voor het ontbijt zo goed als volledig bezet, er wordt weer geanimeerd geconverseerd. De crisis die werd veroorzaakt door een lichtjes golvende oceaan is overwonnen. Het landschap is niet zoveel veranderd: water, eilandjes, bergen en vulkanen. De bergen zijn echter bebost en groen, het regent veel in dit deel van het land dat door de Chilenen Patagonia Verde – Groen Patagonië wordt genoemd. Hier moet een van de weinige overgebleven niet tropische regenwouden van de wereld liggen. Af en toe komen we zowaar andere schepen tegen, de bewoonde wereld nadert. De zon breekt zelfs door, de dikke jassen gaan uit, de mutsen en sjaals gaan af, voor het eerst sinds het vertrek uit Puerto Natales is het druk op het bovendek. Er komt een gevoel van totale onthaasting over me, ik ga in de zon een boek van Isabel Allende lezen terwijl het land waar zij over schrijft aan mij voorbij glijdt. Wat aan bakboord ook voorbij glijdt is het eiland Chiloé, dat we de komende twee dagen zullen gaan verkennen vanwege de mythes van de Mapuches – de oorspronkelijke bewoners – de Chilote houtarchitectuur en ook een beetje vanwege een stukje vaderlandse geschiedenis. Aan stuurboord de nodige vulkanen, waaronder de boven alles uitstekende puntige top van de Corcovado, een “tijdelijk niet actieve vulkaan” lees ik ergens. De meest recente uitbarsting was in 1935. De Chileens Corcovado lijkt in de verste verte niet op de beroemde naamgenoot in Rio de Janeiro waar op het hoogste punt nooit sneeuw ligt, maar waar wel één van de beroemste Christusbeelden ter wereld staat: Cristo Redentor. Na het zuiden van Chili bijna tien dagen vrijwel uitsluitend vanaf het water te hebben bewonderd, reizen we de komende bijna tien dagen door Centraal Chile met vaste grond onder de voeten en wielen. wordt vervolgd |