|
CHILEENSE COLLAGES – 8 (21042012) Dinsdag, 27 maart 2012 – Puerto Natales - Skúagletsjer – Puerto Edén. Kwart voor acht, het schemert nog, het regent. De Evangelistas ligt te wachten totdat het licht genoeg is om de White-Engte in te mogen varen, de nauwe toegang tot het Whitekanaal, de achterliggende waterweg. De engte mag alleen bij daglicht worden gepasseerd, op het voordek staand is het niet moeilijk te begrijpen waarom. Er liggen een viertal rotseilandjes als poortwachters in het water, alleen erg dicht bij de rotswanden lijkt er genoeg ruimte te zijn voor de doorvaart van het schip. Stapvoets gaat het bij het binnenvaren en stapvoets blijft het tot het einde van het kanaal waar een vrijwel zelfde barrière ligt. Daarna kan in het Unionkanaal weer snelheid worden gemaakt. Het regent de hele dag, tijd om even op adem komen van een week lang van de ene plek naar de andere te zijn voortgeduwd. Geheel vrijwillig overigens. Tijd ook om het schip te verkennen, een vrachtschip met eenvoudige passagiersaccommodatie. Na alle vijf sterren van de afgelopen dagen wonen we nu tijdelijk in een eenvoudig hostel met hooguit één ster. Hetzelfde overkwam ons ruim zes jaar geleden al eens toen we de noordelijke Argentijnse provincie Salta bezochten. Na de overdadige luxe van het wijngoed Colomé logeerden we een nacht later in een posada in het stadje Cafayate in een kamertje van ongeveer vier vierkante meter waarin twee gestapelde doodskisten als bedden dienst deden en met een douche/toilet waar je zo’n beetje overdwars gebruik van moest maken. Nou ja doodskisten, iets wat daar sterk aan deed denken. Zo erg is het nu zeker niet, eigenlijk verdient de Evangelistas twee sterren. Bij het ontbijt wordt zichtbaar dat wij ongeveer twee keer de gemiddelde leeftijd hebben van de andere passagiers. Veelal jonge Europese en Australische rugzakkers. Op een licht gebruinde man na, is iedereen verschrikkelijk blank. De fjorden en kanalen, de eindeloze hoeveelheid eilanden, vulkanen, de langs de bergen neerstortende riviertjes, het groen of het gebrek daaraan, de mysterieuze nevel die er hangt, hier en daar sneeuw op een bergtop en de twee of drie kleine gletsjers in de verte zijn een voortzetting van het landschap dat we vorige week dagekijks in Tierra del Fuego aan ons voorbij zagen glijden. Het verveelt nooit en is erg rustgevend. Geen ander verkeer op het water, geen overkomende vliegtuigen, geen televisie, geen radio, geen internet. Er heerst een uiterst ontspannen sfeer. Net voor het invallen van de duisternis bereiken we de tot de zuidelijke ijsvlakte behorende Skúagletsjer, waarvan de voorkant meer dan drie kilometer breed is. Degenen die de afgelopen dagen geen gletsjers hebben gezien of bezocht verdringen zich op de voorplecht van het schip. Wij bekijken het met de ogen van gletsjerveteranen en diagnosteren een lichte vorm van gletsjerfatigue bij onszelf. Dat had ik eerder op de dag ook al bespeurd toen er een lezing over glaciarlogie werd gegeven en ik liever een uiltje knapte. Dat verhaal had ik achterliggende dagen eveneens al een keer of drie gehoord. Woensdag, 28 maart 2012 – Puerto Edén – Golf van Penas. Terwijl ik onder de douche sta, klinkt het gerammel van de ankerkettingen, we moeten bij Puerto Edén zijn gearriveerd waar we volgens ons programma kort aan land zullen gaan. Niet dus. Vanuit alle hoeken komen kleine scheepjes naar de Evangelistas, halen op wat er opgehaald moet worden waarna het schip gelijk doorvaart. Vanaf het dek is te zien dat hier op Wellingtoneiland een kleine geïsoleerde gemeenschap woont. Er liggen wat vissersboten op een strandje, er staat een veel te groot schoolgebouw en dat is het dan. De 180 mensen die er wonen leven van de visvangst en zijn totaal afhankelijk van de ferry voor de afvoer van hun vangsten – er staat een speciale container in het dorp die door de vissers wordt gevuld en één keer per week aan boord wordt gehesen - en de aanvoer van alles wat nodig is om te overleven. De regen is vannacht zowaar gestopt zodat er op het dek kan worden genoten van de volgende smalle doorvaart, de Angostura Inglesa. De kapitein en zijn naaste medewerkers staan allen in de stuurhut bij deze nauwtes die door de moeilijkheidsgraad van het manoevreren slechts bij daglicht mogen worden gepasseerd. Geen wonder dat er tegen het einde op een van de eilandjes een Mariabeeld staat. Bij dit soort “bezienswaardigheden” worden de passagiers aan dek geroepen, de Spaanstalige boodschap luidt dat als je hier tijdens het uitspreken van een wens een muntstuk in het water gooit, die met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid zal worden vervuld. In de Engelse tekst is dit weggelaten, de niet Spaans sprekenden zijn zeker te nuchter bevonden, of te ongelovig, om een wens te mogen doen. De Engelse Engte uit, het naar een Franse sterrenkundige vernoemde Messierkanaal in. Opnieuw een bezienswaardigheid, het wrak van het Griekse vrachtschip Capitán Leonidas dat boven op de Cotopaxi staat, een ander wrak dat 100 jaar eerder op exact dezelfde plek verging. Hoewel het duidelijk op iedere maritieme kaart stond aangegeven en de vaargeul hier breed en meer dan 100 meter diep is. Er zat een luchtje aan: verzekeringsfraude! De kapitein zat een tijd vast, de mensen uit de buurt haalden de lading suiker van boord, de Chileense marine gebruikte het mooi op het water staande wrak een paar keer als schietschijf, hetgeen goed zichtbare sporen heeft achtergelaten. wordt vervolgd |