OP ONTDEKKINGSREIS IN ROTTERDAM – 5 – DE BRANDGRENS - 3 (13062011)

Aan de andere kant van het spoor zijn de bommen aan beide kanten van de Hofpleinlijn gevallen, de eerste geëlektrificeerde spoorverbinding van Nederland, die het hart van Rotterdam met het strand van Scheveningen verbond. Eindstation Scheveningen-Kurhaus! In het Hofpleinstation huisde het fameuze café-restaurant Loos, in het opgeknapte Atlantic House bij de Veerhaven is sinds 1988 een moderne naamgenoot gevestigd. Voor de aanleg van het eerste deel van het spoorwegviaduct, bekend door de “Hofpleinboogjes”, werd een deel van de 19e eeuwse Agniesebuurt gesloopt, de Duitse bommen deden daar in mei 1940 een schepje bovenop. De brandgrens loopt hier langs de rechterkant van de Schiekade via de Roo-Valkstraat, de Teilingerstraat en de Almondestraat tot aan de Rotte. In de Roo-Valkstraat is de brandgrens goed te zien, rechts staan huizen van verschillende “generaties” naast elkaar, de linkerkant overleefde het, hetzelfde is het geval in de Teilingerstraat tussen het viaduct en de Noordsingel. Dat viaduct bleef wonderwel overeind. Misschien kon de boogconstructie de drukgolven beter aan of wellicht lag het aan het gewapend beton dat voor de bouw was gebruikt, in plaats van de toentertijd gebruikelijke metalen constructies. De karakeristieke “boogjes” zijn, daar waar ze waren bedoeld als doorgangen voor kruisende wegen, mooi gedecoreerd. Het is voor het eerst – schande! – dat deze in grijze hardsteen gehakte ontwerpen van de beeldhouwer Jan Altorf me opvallen. Strak gestileerde afbeeldingen van dieren, planten én de stadswapens van de langs de lijn gelegen steden. Die wapens horen helemaal niet in zijn oeuvre thuis en zijn hem vast en zeker door de architect door de strot geduwd om als beginnend kunstenaar de opdracht binnen te kunnen halen. Hij gaf ze echter wel een eigen accent door er een zon of een bloem bij te beitelen. Er is naderhand slordig omgesprongen met het werk van Altorf, Gemeentewerken liet er deels straatnaambordjes op schroeven, andere zijn helaas achter het er overheen gesmeerde cement verdwenen.

De achter de Noordsingel gelegen Almondestraat is een samengeraapt zooitje steen en beton met een hoog satellietschotelophetbalkongehalte. De 100% Rotterdamse cabaretgroep “de Berini’s” maakte in het midden van de jaren 90 van de vorige eeuw het theaterprogramma “Almondestraat 53a” waarin de vraag “wanneer een Nederlander zich niet meer thuisvoelt in een straat met een hoge concentratie allochtonen, is hij dan een racist?” centraal stond. Een verschrikkelijk lang liedje van verlangen. Het is letterlijk een achterafstraat, waar Stadsontwikkeling de moed heeft opgegeven of de weg totaal kwijt is. Ze zouden eens moeten gaan buurten in het bedrijfsgebouw aan het einde van de straat dat in gebruik is bij het kerkgenootschap “el nuevo camino - de nieuwe weg”. Oude huizen, nieuwe flats, slecht en snel gerenoveerde oudbouw die rijp is voor de sloop. En dat allemaal in de schaduw van het gebouw aan de Heer Bokelweg waarin de wereldbefaamde architect Rem Koolhaas kantoor houdt. Hij zou eens uit een raam aan de achterkant moeten kijken en dan na gaan denken over een eigentijdse inrichting van dit deel van de Agniesebuurt. Hij kan met een leeg schetsboek beginnen, want het uitgangspunt zou de sloop van alles wat er nu staat moeten zijn. Aan de overzijde van de Heer Bokelweg lag na de oorlog lange tijd het helicoptervliegveld “Heliport” met verbindingen naar Brussel en Antwerpen. Omdat ik hoog in een gebouw aan het Hofplein werkte, herinner ik me nog goed dat na het opdoeken van dit vliegveld-van-niets er een autovrije woonwijk werd gebouwd met smalle hoge huizen met schuine kappen en veel water. De wirwar van straatjes kreeg gelijk al de nodige bijnamen: Klein Volendam, puntmutsendorp, kabouterdorp en Anton Pieckhuisjes. Bijna echt Anton Pieck zijn de oudste huizen – uit rond 1700 – in het centrum van Rotterdam bij de Vriendenbrug over de Rotte, het is een groot wonder dat die paar panden zowel het bombardement als de naoorlogse sloopwoede hebben overleefd. Aan de andere kant van de brug ligt zo’n zelfde rond monument dat aan het begin van de brandgrens op de Westerkade bij de Maas ligt.

Admiraal de Ruyterkade op richting Rubroek, de zuidkant van Crooswijk, onderdeel van de krachtwijk – een eufemisme voor wat voorheen een probleemwijk of achterstandswijk heette - Rotterdam Noord. Foeilelijke en treurigmakende nieuwbouw. Voor een deel van kort na de oorlog. Maar het oude Veemarktterrein – iedere dinsdag Veemarkt, een dag die in Rotterdam ook wel bekend stond als “boerenhoerendag” – werd pas ruim dertig jaar na de bevrijding bebouwd. Aan de Goudse Rijweg staat op zo’n honderd meter van de brandgrens de voormalige Rooms Katholieke Allerheiligste Verlosserkerk met erachter het klooster van de Orde der Redemptoristen. Nadat het met de roepingen snel bergafwaarts ging en met het kerkbezoek idem ditto, waarschijnlijk niet in het minst door de toevloed van niet christelijke nieuwe medelanders in de wijk, kwamen de gebouwen leeg te staan en brandde de kerk in 1979 ook nog eens af waarbij de torenspits verloren ging. Desondanks was het niet mogelijk de voor de hand liggende Rotterdamse oplossing – slopen die handel! – toe te passen omdat de kerk op de Monumentenlijst stond. Zodat het zo karakteristieke gebouw, waarin studentenflats werden gebouwd, de wijk nog immer siert.

wordt vervolgd