|
EEN VEEL TE VROEGE KERST (24102006) Vrijdag de dertiende. Dertien oktober 2006, buitentemperatuur subtropisch warm. Stilstaand in de ochtendspits zie ik dat op het dak van Plaza Lama, een warenhuis op de hoek van een druk kruispunt in Santo Domingo, een buizenconstructie wordt gebouwd. Niets bijzonders, er wordt vast een extra reclamebord neergezet. Een paar uur later staat er tot mijn verrassing echter een heuse kerstman, ik zat er goed naast. Het trottoir vlak bij mijn kantoor verandert een week later langzaam maar zeker in een openlucht marktje. De handel bestaat voornamelijk uit nutteloze rieten mandjes, dorre boompjes en van gebundeld en gevlochten gras gemaakte dieren. Lama´s zo te zien. Raar, want die komen hier niet voor. Hetzelfde gebeurt op andere plekken langs de weg van en naar mijn werk. Iemand heeft een gat in de markt ontdekt. Athans dat vermoed ik, onwetend als ik ben. Maandag drieëntwintig oktober. Drieëntwintig oktober 2006, buitentemperatuur ruim boven de dertig graden. Celsius. De dagen beginnen merkbaar te korten, dat wel. Nog maar iets meer dan twaalf uur daglicht, het is herfst in de Cariben. In het filiaal van een Spaans modehuis hangt een wintercollectie die in Nederland niet zou misstaan, de Dominicanen bereiden zich voor op een strenge winter. En dat terwijl volgens reisbijbel.nl de gemiddelde dagtemperatuur in Santo Domingo het hele jaar door vrij stabiel is. Tussen de negenentwintig in januari en tweeëndertig graden in augustus. Hoewel ik de juistheid van die cijfers ernstig betwijfel, de website noemt feestdagen die geen feestdagen zijn en een heel belangrijke, 6 november – Dag van de Grondwet, is vergeten. Een andere website schrijft “in de regentijd valt de meeste regen” dat is het soort nuttige reisinformatie waar tenminste helemaal niets tegen in te brengen valt. Aan het begin van de nieuwe werkweek loop ik om kwart over zeven in de receptie van ons kantoor langs een mooi opgetuigde kerstboom en kunstsneeuw en winters geklede poppetjes met bordjes waarop “let it snow” is geschreven. Ik kan mijn ogen niet geloven. Het kantoor, een grote kantoortuin, is tijdens het weekeinde in het geniep onder het kerstmes gegaan. Kerstsokken, kerstmannetjes en boompjes versieren de muren en de scheidingswandjes tussen de werkplekken. Het glas van de afscheiding is met sneeuw uit een spuitbus bewerkt, waardoor ik opeens tegen een stoomtreintje met een dansend beertje en een springend clowntje zit aan te kijken. “Leuk hé?”, vraagt de secretaresse. “Is het niet wat vroeg?”, is het enige wat ik uit kan brengen. In de loop der jaren is me bijgebracht vooral respect te tonen voor culturele verschillen. In mijn e-mail zit een verontschuldigend bericht van het organisatiecomité. De spuitbussen met sneeuw waren al uitverkocht – het is oktober! - waardoor nog niet alle werkplekken van een sneeuwlaagje konden worden voorzien. Het verzuim zal in de loop van de dag worden goedgemaakt. Die e-mail werd verstuurd, teruggeroepen en opnieuw verstuurd omdat de zuurstokdecoratie was vergeten. Als het een beetje meezit, is er tussendoor wellicht wat tijd om te werken, bedenk ik cynisch. Om een uur of elf ga ik een kijkje nemen bij het geïmproviseerde marktje. Het zijn dus kerstdecoraties die langs de Avenida Winston Churchill worden verkocht. Dominicaanse kerstdecoraties welteverstaan. Mandjes en rode boompjes van rotan, lama’s of kamelen, vage vormen van de Drie Koningen. Kerststalletjes, wit gespoten – sneeuw! - dode boompjes die in de vorm van een kerstboom zijn gesnoeid. Mannen zitten te vlechten met gras en twijgjes en te beppen dat het een aard heeft. Ze zijn of erg opgewekt van karakter of erg optimistisch over hun handel. Of misschien wel allebei. Terug op kantoor is het organisatiecomité tijdens de lunchpauze druk doende de rest van het kantoor van “sneeuw” te voorzien. Na de lunch ontelbare e-mails met, in mijn ogen zwaar overdreven, complimenten over hoe fantastisch het kantoor is versierd. Elkaar in de overtreffende trap vertellen hoe aardig je bent of hoe verschrikkelijk goed je een karwei hebt geklaard, is een Latijnse specialiteit die deze Calvinist nooit onder de knie zal krijgen. De man die de koffie rondbrengt raakt niet uitgepraat over de nieuwe kerstmerengues van dit jaar, merengue is hier het populairste muziekgenre, die nu al worden grijs gedraaid. Warenhuizen adverteren groot dat de verkoop van kerstartikelen is begonnen. Ruim twee maanden voordat het op de kalender Kerstmis is, worden reeds vele krantenpagina´s gevuld met tips over en foto´s van de allerlaatste trends in kerstversiering. De gifbeker is nog lang niet leeg. Tegen het einde van de werkdag wordt per e-mail “Nuestro famoso Angelito .......... Diabolito – beroemde Engeltje ......... Duiveltje” voor 2006 aangekondigd. Een ander Dominicaans kerstgebruik. Vanaf half november op vijf opeenvolgende vrijdagen. Papiertje met je naam in een doos doen, vervolgens lootjes trekken. Degene die jouw naam trekt, wordt je engeltje. Of je duiveltje dus. “Hartstikke geinig!” zegt de secretaresse en geeft me een voorproefje. “Zwaar overdreven liefdesbrieven met een pak condooms erin!” Het begint te dagen. “We hadden hier eens iemand uit Brazilië, die kreeg een CD. “Canciones de mi tierra – liedjes uit mijn land”. Zag er geweldig uit, maar in plaats van de CD zat er tierra – aarde in”. Vijf weken lang surprises en onderbroekenlol, iets waar ik een hartgrondige hekel aan heb. Op de slotavond wordt onthuld wie je engeltje was. Kerstmis begint dit jaar erg vroeg en gaat heel lang duren. Veel te lang. Dit wordt ongetwijfeld de langste Kerstmis van mijn leven. “Eenzame Kerst”, die verschrikkelijke smartlap van André Hazes, krijgt in de Dominicaanse Republiek een heel nieuwe betekenis. Als het zou kunnen, zou ik van mijn angelito het liefst een “eenzame kerst” als surprise willen krijgen. Maar hoe leg ik dat, met veel respect voor culturele verschillen, in vredesnaam uit aan al die goed bedoelende collega’s? |