|
PIPO KOEIE! (28062006) “Pipo koeie!” zingt de zeurderige stem van de Dikke Deur – de acteur Willy Ruys – door mijn hoofd als ik in Puerto Madero de koeien van de Cow Parade bewonder. Jeugdsentiment of herinnering aan de jonge jaren van mijn twee zonen? Beide zo blijkt. De eerste aflevering van Pipo de Clown, de door Wim Meuldijk geschreven televisieserie, werd in 1958 in zwart wit uitgezonden. In zwart-wit! Mijn kinderen moeten de laatste afleveringen in kleur hebben gezien. Niet dat er ooit een koe in beeld kwam, het was de manier waarop de circusdirecteur – de Dikke Deur - de aandacht van de eigenwijze Pipo wilde trekken. Mamaloe, zijn vrouw, vond ik trouwens erg leuk en Belinda, de dochter van de schrijver, had ook een rolletje. Is die naderhand niet met Rob de Nijs getrouwd?. In 1980 ben ik net zoals Pipo en Mamloe de wijde wereld in getrokken en heb daarna, net zoals zij, van mijn leven een ratjetoe gemaakt. Een wandeling door Buenos Aires roept soms verassende herinneringen op aan een ver verleden aan de andere kant van de wereld. “Deze koe is een protestkoe. Een protest tegen de andere 120 koeien die hier in Puerto Madero staan, die 9.000 Pesos per stuk kosten. 9.000 Pesos – ongeveer 3.000 US Dollars - voor een plastic koe! Dat terwijl een gepensioeneerde in dit land, na een leven lang te hebben gewerkt, 390 Pesos per maand krijgt. 9.000 Pesos voor een plastic koe, terwijl duizenden anderen naar deze buurt komen om uit vuilniszakken te eten. 9.000 Pesos per koe, betekent meer dan 1 miljoen Pesos spenderen in een land waar ieder jaar 19.000 kinderen door ondervoeding voor hun vijfde levensjaar sterven. Daarom staat deze protestkoe hier!” Koe en tekst staan bij de protestcafetaria van de activist Raúl Castells. Beide vallen uit de toon in de sjiekste buurt van Buenos Aires waar, volgens Castells, de huisdieren beter te eten krijgen dan een minderbedeelde Argentijn. De gaarkeuken heeft een hoge curiositeitswaarde en trekt veel bekijks, net zoals de protestkoe. In tegenstelling tot die koe, hebben de diva’s van de Cow Parade een sponsor en zullen aan het eind van de openluchtexpositie bij opbod worden verkocht aan beterbedeelden. De opbrengst gaat naar een goed doel. Nee, niet de gaarkeuken van Castells, maar naar het Leloir Instituut, waar onderzoek wordt gedaan naar onder andere kanker, Alzheimer en Parkinson alsmede naar de stichting die zich inzet voor mensen die aan Multiple Sclerose lijden. Er is trouwens nog een koeiencontroverse in Argentinië, het land waar het vlees van de koe veel heiliger is dan het beest zelf. De zondagse asado, de plaatselijke versie van een barbecue, werd bedreigd door de sterk stijgende vleesprijzen. De nationale boycot die mijn werkgever vorig jaar trof toen de benzineprijs tegen de zin van de President werd verhoogd, is niets vergeleken met wat de veeboeren is overkomen. Die hielden vol dat die prijs wordt bepaald door de wereldmarkt en weigerden water bij de wijn te doen. Nou dat hebben ze geweten. De regering verbood de vleesexport totdat de prijs omlaag zou gaan en riep de bevolking op geen rundvlees meer te eten. Zelf gaf ze het goede voorbeeld door het uit de kantines en lunchkamers van de overheid te verbannen en te vervangen door kip of vis of varkensvlees. Al doende werd de exportmarkt voor jaren verziekt, doch dat treft alleen hen die toch al poen zat hebben. Volgens de links leunende regering althans. De wet van vraag en aanbod en de vrije markteconomie staan in Buenos Aires en omgeving al lange tijd in het verdomhoekje en komen daar beslist niet uit zolang de huidige Peronistische regering aan het bewind blijft. En dat zou best nog wel eens heel lang kunnen zijn. De Cow Parade is een idee van de Zwitserse kunstenaar Walter Knapp, die in 1998 de eerste in Z?rich organiseerde. Het sloeg dusdanig aan dat er sindsdien wereldwijd tientallen Cow Parades zijn gevolgd. Pascal Knapp, zoon van, ontwierp drie glasvezel standaardkoeien op ware grootte die door, vaak bekende, lokale beeldende kunstenaars worden beschilderd en/of opgesierd. Aan het einde van de parade worden de kunstwerken geveild voor één of meerdere goede doelen. “Arte sin tranqueras – kunst zonder omheining” is de toepasselijke ondertitel van de expositie in Buenos Aires. De koeien worden slechts beschermd door een voor de gelegenheid ontworpen verbodsbord. Een gele driehoek waarop onder een koe “Verboden aan te raken. Originele kunstwerken. Beschermd door wet 11.723” staat. Een zinloos bord. Kinderen willen erop klimmen, vandalen trekken zich sowieso niets aan van zo’n bord. In de eerste week na de opening - in maart - werden er gelijk al een aantal beschadigd, bij de sluiting – in juni – waren veel van de koeien die waren versierd met kroontjes, kettingen en dergelijke van die attributen ontdaan. Een vliegende koe, een bergklimmende koe, een parachute springende koe, een in een zwembadje zonnenbadende koe, een door een ruit springende nieuwsgierige koe. Verleidelijk wuft aangeklede koeien, ijdele koeien, koeien in Argentijnse klederdrachten, vaderlandslievende koeien in de nationale kleuren of met de landkaart of het volkslied op de rug. Koeien die veel te nadrukkelijk de boodschap van de sponsor uitdragen zoals die van het Casino met een speeltafellaken of een roulettewiel. Of de kudde waarvan iedere koe een ander model Ford auto op de rug heeft. Of minder opvallend, zoals de met tulpen beschilderde koe op de Plaza Reina de Holanda, die daar staat dankzij het Nederlandse Ministerie van Landbouw. Een Mi Buenos Aires Querido koe, een gezich op La Boca koe in de stijl van Quinquela Martín, een “fileteado” koe – beschilderd in de zo typische kleurige decoratieve stijl die uniek voor is voor Buenos Aires. Openbaar vervoerkoeien, een vliegtuig, een sportauto, een bus. Muzikale koeien, koeien met knipogen naar de tango: de bandoneonkoe, de koe met op straat dansende tangueros en de o zo verleidelijke Vaca Milonguera. En gelukkig een heleboel onafhankelijke koeien van kunstenaars die zich van niets en niemand iets hebben aangetrokken. Die hebben er een lekker ratjetoe van gemaakt, net zoals die Nederlandse clown van toen. |