IN HET GEHEUGEN GEGRIFT (20042006)

Met een licht gevoel van schaamte sta ik oog in oog met een foto van drie juichende leden van de militaire junta die Argentinie van maart 1976 tot december 1983 met ijzeren vuist regeerde. Op het bijschrift staat waarom de “heren” Videla, Massera en Agosti zo opgetogen waren. De foto werd genomen op 25 juni 1978 in het stadion Monumental van Buenos Aires tijdens de wedstrijd Argentinië – Nederland, de finale van het wereldkampioenschap voetbal. De Argentijnen hadden gescoord en zouden in de verlenging winnen. Met de ongewilde hulp van Robbie Rensenbrink, die vlak voor het einde van de reglementaire speeltijd een opgelegde kans miste. Die verschrikkelijke misser staat in mijn geheugen gegrift. In de schaduw van het stadion was een berucht concentratiekamp en martelcentrum gevestigd, het verstoorde de feestvreugde in het geheel niet. De Nederlandse deelname aan het kampioenschap was toch een vorm van collaboratie met een heel verkeerd regime? Om die reden weigerden spelers als Johan Cruijff en Wim van Hanegem in Argentiniê te voetballen. De verliezers verschenen niet op het podium voor de prijsuitreiking en gingen niet naar het door de junta aangeboden slotdiner. Dat was volgens een Argentijnse collega zowat een verzetsdaad, wat mij betreft waren het heel gewone zure druiven. Er hangen trouwens een aantal foto’s die zo tijdens de Duitse bezetting in een willekeurige vaderlandse stad zouden kunnen zijn gemaakt. Militairen die op straat mensen tegen de muur zetten, fouilleren, oppakken, angst aanjagen. Op één foto staat pure angst te lezen op het gezicht van een wapen bedreigde man. Op een andere wordt een studentenleider opgepakt en, zo staat op het bijschrift, afgevoerd in een Ford Falcon verde. De foto’s zijn onderdeel van de expositie “Memoria 76/06” in het Palais de Glace, de laatste expositie in het kader van de herdenking “el Golpe” de staatsgreep van dertig jaar geleden.

Er zijn meer foto’s te zien die geen enkele reden tot juichen geven. Foto’s die de trieste gevolgen van politieke onderdrukking laten zien. Van ouders die kinderen nooit terug zagen, van broers of zusters die hun broers of zussen nooit terug zagen en van kinderen die hun vader of moeder of beiden nooit bewust hebben gekend. Samensteller van de kleine expositie “Fotos tuyas – Foto’s van jou” is Inés Ulanovsky, die het foto archief van de Grootmoeders van de Plaza de Mayo bestiert. In een alkoof hangen een negental fotocollages die ieder met een handvol foto’s en weinig woorden de geschiedenis vertellen van een zomaar afgebroken familie- of gezinsleven. Gedateerde foto’s van jonge mensen in de bloei van hun leven die zich verzetten tegen wat er in Argentinië aan het gebeuren was en daar met hun leven voor betaalden. En recente foto’s van hen die achterbleven met zwart-wit foto’s van de desaparecidos in hun handen of thuis aan de de muur. Foto’s van kinderen die net waren geboren of die het levenslicht pas zagen nadat een ouder of hun beide ouders waren opgepakt. Onderdeel van iedere collage zijn een of meerdere briefjes aan hen die verdwenen zonder afscheid te hebben kunnen nemen. Zo schrijft een zoon aan de vader die hij nooit heeft gekend “Mi viejo - mijn vader, verdween toen ik er aankwam. Wij hebben elkaar nooit in de ogen kunnen kijken. Soms voel ik hem, als ik zijn foto’s bekijk. Deze woorden van - de eveneens verdwenen schrijver - Walsh zijn voor hem. “En hij? Ze zeggen dat hij zich al schietend verzette, dat hij op straat werd dood geschoten. Dat ze hem levend oppakten, dat hij werd gemarteld, dat hij werd vermoord. Dat hij nog leeft. Dat hij leeft, is zeker.” Aangrijpende korte drama’s die met een paar woorden meer over politiek geweld en de gevolgen daarvan vertellen dan vele dikke boeken.

In de grote expositieruimte op de eerste verdieping, ooit het restaurant van dit ijspaleis uit de decadente Argentijnse jaren van een eeuw geleden, klinkt het lied “la Memoria” van de Argentijnse zanger en componist León Gieco. Het is een protestlied, een aanklacht tegen onderdrukking en politiek geweld in Latijns Amerika in het algemeen en Argentinië in het bijzonder. Het krachtige refrein “libre como el viento” vrij vertaald “zo vrij als een vogel” zingt tot op dit moment door mijn hoofd. Net zoals delen van de tekst, versregels als “Alles wordt het geheugen gegrift, wapen van het leven en de geschiedenis” en “Alles wordt in het geheugen opgeslagen, schuilplaats van het leven en de geschiedenis.” En verwijzingen naar de katholieke kerk die de lippen stijf op elkaar hield en het voetbalkampioenschap dat gewoon doorging. De tekenaar Rep heeft de tekst in stukken geknipt en voorzien van een cartoonachtige tekening in sober zwart op een klein wit doek gezet. Bekende en minder bekende Argentijnse kunstenaars hebben een op dezelfde tekst geïnspireerd werk gemaakt, dat naast dit “bijschrift” van Rep is gehangen. De kunstenaars hebben vooral veel hoofden – het geheugen – militairen en lichamen afgebeeld met het doel vooral niet te vergeten wat er tijdens de jaren van de dictatuur is gebeurd.

Midden in de zaal zit een rond gat in de vloer, zodat de bezoekers kunnen zien wat er beneden gebeurt. Op het muurtje dat daarom heen is gebouwd, staat de vraag “Wat mogen wij Argentijnen niet vergeten?” Er bovenop liggen pennen en post-it papiertjes. De bezoekers worden aangemoedigd hun antwoord op te schrijven en op het muurtje te plakken. Dat wordt heel serieus gedaan “niet vergeten opdat het zich nooit zal herhalen” of met een zekere mate van desinteresse “alle militairen zijn klootzakken.” In een andere alkoof wordt de bezoeker aangemoedigd om de naam van iemand op te schrijven die niet mag worden vergeten. Er is een herinneringsmuur waarop op iedere mogelijke manier herinneringen kunnen worden geschreven of getekend. Een paar dagen voor de sluiting is alles volgeplakt, vol geschreven of vol gekladderd. In ieder geval staat er in de geheugens van al die bezoekers gegrift dat wat er dertig jaar geleden is gebeurd, nooit meer mag gebeuren. En ja, al die militairen waren inderdaad klootzakken.