Nico Geerts is een collega van mijn Haagse vriend Chris. Hij was niet zo lang geleden op bezoek in Buenos Aires en de stad kreeg hem in zijn greep. Zodanig zelfs, dat voorgenomen bezoeken aan verre streken gewoonweg werden geannuleerd. Onderstaand zijn impressies van een stad waar hij op de meest onverwachte plekken nieuwe vrienden maakte.

NIEUWE VRIENDEN IN BUENOS AIRES (25012005) - gastbijdrage van Nico Geerts(25012005)

Volgens de weerstatistieken is november een goede maand om naar Buenos Aires te gaan. De temperatuur ligt dan rond de 27 graden en de echte hitte van de zomer moet nog komen. Het leek dus geen slecht idee om in 2004 deze stad maar een te gaan verkennen en om daar mijn langzaam vorderende kennis van het Spaans bij te spijkeren. De reis ging deze keer anders dan in voorgaande jaren. Dat begon met de keuze voor een appartement in de betere wijk Recoleta in plaats van een meer sober onderkomen. Vervolgens besloot ik geen lessen te volgen maar mijn kennis van het Spaans vooral aan de praktijk te toetsen en als laatste sneuvelde ook het stellige voornemen om de tweede week te besteden aan spannende tochten in het binnenland. Al mijn goede voornemens weken voor de attractie van Buenos Aires zelf en het geriefelijke verblijf op mijn zonnige terras.

De eerste dag begon uitstekend. De metro bracht me zonder problemen in de buurt van het adres van Jacques. Onderweg werden de passagiers met luide stem toegesproken door in en uitstappende Argentijnen die verontschuldigend aandacht vroegen voor hun hopeloze omstandigheden of koopwaar uitdeelden en weer ophaalden. In het centrum, op een prachtige locatie, werd ik door een portier verwezen naar het schandalig grote appartement van Jacques. Na een hartelijke ontvangst sloot Yvonne, tot voor kort een collega, zich bij ons aan en werden we getrakteerd op een heerlijke lunch in een zijstraat van Florída: de belangrijkste winkelstraat van Buenos Aires.

Twee weken en een paar dagen bleken in een stad als Buenos Aires gemakkelijk te vullen. Door een toeval leerde ik Kevin kennen. Kevin reisde mee met een gezelschap Engelsen op een groot zeiljacht dat in de haven van Buenos Aires lag. Volgens het “zwaan kleef aan principe” vulde ik vele avonden in hun gezelschap. Samen aten we laat in de avond grote stukken vlees en dronken volle Argentijnse wijn. Als we niet samen op pad gingen, trok ik er alleen op uit. Bijvoorbeeld naar een milonga waar de tango wordt gedanst, waar de droeve tonen van de bandoneon klinken en waar over liefde en passie wordt gezongen. De nachten waren lang en inspannend, dus ’s ochtends was het meestal uitslapen, bellen naar huis en daarna rustig boodschappen doen bij Disco, de keten die AH zo graag zou willen verkopen. De middag was daarop vrij voor nuttige dingen zoals winkelen in de stad of het bezoeken van bezienswaardigheden: de Plaza de Mayo, de markt van San Telmo, de wijk La Boca, het Teatro Colón, Tigre, musea, kerken en niet in de laatste plaats: de begraafplaats van Recoleta waar onder andere Eva Perón ligt begraven. Niet dat haar graf nu de meeste indruk op mij maakte. Dat was het graf van een artieste waarover de gids vertelde dat zij eerst door drie dokters dood was verklaard, maar na haar bijzetting in het graf toch nog bleek te leven. Met klopsignalen wist zij de aandacht van een bewaker te trekken, doch voordat men haar kon bereiken, was zij helaas door verstikking alsnog gestorven. Dat haar geest hier op de begraafplaats rondspookt ligt voor de hand.

Bij het verkennen van de stad vielen me wat andere vreemde zaken op. Stel je voor: de zon staat helder hoog aan de hemel. Het is warm en de stad is vol van winkelende mensen. Maar…....geen pet te zien. De invloed van de Amerikaanse baseball pet is nog in het geheel niet doorgedrongen tot Buenos Aires. De handigheid van zo’n klep voor je ogen om de zon te weren, lijkt rigoureus te worden afgewezen om de allure van een oude blanke Europese stad te handhaven. Naast Europees is Argentinië heel sportief. Winkels met sportartikelen zijn overvloedig aanwezig in alle grote winkelstraten. De officiële sportshirts van alle landen hangen er gebroederlijk naast elkaar in de rekken. Ook het oranje KNVB shirt met Nederlandse leeuw ontbreekt nergens. Wat beweegt toch een Argentijn om een duur Nederlands shirt te kopen? Doen ze dat wel? Of hangt het er alleen maar om de collectie compleet te maken? Het antwoord vond ik in het prachtige overdekte winkelcentrum Alto Palermo op de hoek van de Avenida Santa Fé en Coronel Diaz. Toen ik op mijn laatste dag in Argentinië daar met de roltrap afdaalde, zag ik beneden een aantal Argentijnse hangjongeren waarvan één in de Nederlandse voetbaloutfit. Zijn enthousiasme was bij nadere kennismaking nog groter dan het mijne. Hij bleek op de hoogte van het bestaan van Nederlands elftal voetballers waar ik nog nooit van had gehoord. Voor hem steunt de band tussen Nederland en Argentinië duidelijk niet alleen op Máxima (het dikkertje). Met grote trots en vanzelfsprekendheid poseerde hij voor mijn camera.