KUKI OF EEN BLACK OUT IN BUENOS AIRES (08112004) Kuki, zo heet de primo - de neef van mijn verloofde Alberto. Argentijnen zijn dol op woordspelingen. De naam Kuki is daar een mooi voorbeeld van. Kuki betekent iets zoets om te eten zoals bijvoorbeeld het Nederlands koekje. Maar, als Kuki als “Quiqui” wordt geschreven betekent het “een slechte man.” De naam zelf is dus een sobrenombre - een bijnaam en het is een treffende omschrijving van deze primo. Kuki is een jaar of zestig, buikje, beetje morsig, daverende lach en in alles een man van de straat. Samen met z’n vrouw gaat hij al dertig jaar lang, iedere zaterdagavond, naar een tangosalon. Mijn allereerste keer in een tangosalon in Buenos Aires was met Kuki, zijn vrouw en de vaste vriendenclub van dit innige pareja - stel. Alberto had bedacht dat ik iets authentieks moest meemaken en een tango avond in gezelschap van Kuki was het meest authentieke dat er was (dixit Alberto). Op weg naar het festijn reden we zo om een uur of een ’s nachts een deprimerende wijk binnen waarvan ik dacht: is dit het nou? Veel beton, verlaten straten en vooral geen spoor van (tango-) romantiek te bekennen. Het doel bleek “Lo de Celia - de plek van Celia.” Lo de Celia is een grote tangosalon, type zaal met zitjes rondom een immense dansvloer. Een echte jaren vijftig ambiance. Mijn entree was daverend. Trapje op, fluwelen gordijntje door en inmediatamente bleef ik met het kant van de die dag daarvoor zorgvuldig uitgekozen jurk haken achter de hoek van het allereerste tafeltje: kant aan flarden................ Verder naar een tafeltje aan de overkant, naar Kuki en gezelschap. Voorgesteld aan iedereen, “me encanta - wat leuk je te ontmoeten” flessen wijn werden aangerukt (per glas kun je ’t niet bestellen), een spervuur aan vragen moest worden beantwoord. En Alberto in de tangohouding: straathouding, trots, minzaam, benen wijd, zijn arm op de rugleuning van mijn stoel. De hele ambiance was onmiskenbaar authentiek. De dansvloer was afgeladen, de vrouwen waren op hun mooist, de mannen ernstig en verdiept. Aan de kant vloeide de wijn rijkelijk en werd er heel wat afgekletst. Zo af en toe werden de tangoseries onderbroken om plaats te maken voor heel andere geluiden, inclusief een aantal ouderwetse Spaanse dansen waar, tot mijn verbazing, iedereen ook nog op wist te dansen. Ondertussen had ik onbezorgd verkondigd dat ik heus wel tango danste. Had ik niet twee jaar les gehad van Rob en wel drie seizoenen lang de tangosalons in Nederland afgestruind? Men bedacht dat ik voor alle zekerheid maar met Kuki moest beginnen: die had ervaring genoeg voor zo’n vrouw uit Nederland. Kuki vroeg me ten dans. De eerste maten van een nummer van Pugliese klonken. Kuki pakte mij met ferme greep en, que desastro - wat een afgang, was al vertrokken toen ik nog stond te dromen van tangodansen in Argentinië. Om het maar even kort samen te vatten, het was een “Black out in Buenos Aires.” Zelfs de basispas (hoe begin ik ook alweer?) kon ik me die avond niet voor de geest halen, laat staan ten uitvoer brengen. Dat Kuki heel goed kon dansen, bewees hij de rest van de avond, dansend met zijn vrouw. Ik heb er de hele avond met bewondering naar zitten kijken. Terug in Nederland vertelde ik over het debacle aan mijn vroegere tangopartner. Die keek vol ongeloof, pakte me toen in de tangohouding en danste zo met mij mijn woonkamer rond. Ik wou dat Kuki dat had kunnen zien! |