TEVERGEEFS PROTEST (18032004)

Dinsdagavond 9 maart is een zwoele zomeravond in Buenos Aires Het geluid van de televisie wordt overstemd door het lawaai van buiten. Dat betekent vrijwel zeker dat er bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken een demonstratie aan de gang is. Het kantoor van de Minister, het statige Palacio San Martin, en de Kanselarij, een met glas beklede toren waar de ambtenaren hun werkplek hebben, liggen aan de overkant van de Plaza San Martín. De “plaza” is geen echt plein, maar een aardig stadsparkje. Vanuit onze zitkamer kunnen we over de boomtoppen van het park heen de kantoorkolos zien glimmen. Lawaai hoort bij de grote stad, maar als het de televisie overstemd tijdens een uitzending die ik graag wil zien, is het soms wat lastig. Champions League voetbal is zo’n gelegenheid. Manchester United probeert het vege lijf te redden tegen Oporto met op de achtergrond een lekkere zware beat. De tegenpartij scoort vlak voor het einde van de wedstrijd, waardoor ManU wordt uitgeschakeld. Tijd om te gaan kijken wat er bij BuZa aan de hand is.

Voor de Kanselarij staat op de platte laadbak van een vrachtauto een rockband te spelen. De muzikanten zijn vrijwel onzichtbaar door de enorme geluidsinstallatie. Achterop dit geïmproviseerde podium staat een groot spandoek waarop de regering wordt aangemoedigd om de buitenlandse staatsschuld niet terug te betalen. Die aanmoediging begrijp ik. President Néstor Kirchner en zijn regering staan onder zware druk, van vooral zichzelf, om de ongeveer 3 miljard dollar die vandaag voor middernacht aan het IMF - Internationale Monetaire Fonds - moeten worden voldaan, niet te betalen. Er wordt al wekenlang een zeer nationalistisch getinte campagne gevoerd waarin de Argentijnen wordt beloofd dat de valutareserves zullen blijven waar ze zijn: in de kluis van de Centrale Bank. Op grote posters met een foto van een slecht gevoed en ziek uitziend kind staat vetgedrukt de tekst “bij wie staan we eigenlijk in het krijt?” Zonder het IMF te noemen, weet iedereen wat er wordt bedoeld, wij staan bij ons eigen volk in de schuld en laat de rest van de wereld het maar uitzoeken. Op ieder televisiestation is dit vanavond hét onderwerp van gesprek. Heeft de regering al besloten? En als Argentinië niet betaald, wat zouden dan de gevolgen kunnen zijn? Verslaggevers bij het Ministerie van Economische Zaken en bij de poort van de officiële residentie van de President in Olivos, hebben niets anders te melden dan dat de President, de Minister van Economische Zaken en Mevrouw Kirchner aan het overleggen zijn. Cristina Fernadez de Kirchner, de militante “eerste dame”, is lid van de Senaat en wordt algemeen geacht grote invloed op haar echtgenoot en via hem op het regeringsbeleid te hebben.

De demonstranten zijn uitgerust met grote blauw-wit-blauwe Argentijnse vlaggen. Daarop is een groot portret van Che Guevara geschilderd met er onder de tekst “Venceremos! - wij zullen overwinnen!” Ik begin foto’s van de demonstratie te schieten, de muzikale show interesseert me niet al te erg, die kan ik horen. Er komt een vrouw op mij af “waar kom je vandaan?” vraagt ze streng.“Nederland” is een goed antwoord, ze ontdooit. “Maak je digitale foto’s?” Dat doe ik. “Kun je er mij een paar opsturen?” Dat kan ik. De straat is bezaaid met pamfletten, ik raap er een op die er redelijk schoon uitziet en vraag haar om daar een emailadres op te schrijven. Terwijl “ik heet Felkicitas” dat doet, maak ik vast wat plaatjes van de leuke jonge meiden die al vendelzwaaiend net een polonaise hebben ingezet.

“Nee joh, je moet wat foto’s nemen van de “chicos” de jongens van de band” roept ze. Ik krijg het emailadres en een paar dicht beschreven vellen papier aangereikt “hierin staat wie we zijn.” Felicitas blijkt de publiciteit van de chicos te verzorgen. Ze wil weten wat ik voor de kost doe en moet lachen “niets mee mis hoor, de zanger van de band is professor sociologie aan de economische faculteit van de UBA, de Universiteit van Buenos Aires.” De band heet “los Carniceros - de Slagers” en staat onder leiding van zanger, componist en linkse activist Alejandro Lafleur. Vanavond treden zij op in het kader van “het volksprotest tegen de ALCA - de Amerikaanse Vrijhandelsassociatie en tegen het betalen van de illegale en frauduleuze buitenlandse staatsschuld.” De 51 jarige Lafleur heeft een bewogen leven achter de rug. Toen de militairen 26 jaar geleden de macht grepen en de rechtse militaire terreur begon, vluchtte hij met een vals paspoort naar Frankrijk. Daar verdiende hij tien jaar lang zijn brood als muzikant. Weer terug in Argentinië werd hij opgepakt, niet vanwege zijn politieke activisme, maar omdat hij een stevige hoeveelheid drugs “voor eigen gebruik” bij zich had. Hij werd tot twaalf jaar veroordeeld, waarvan hij er uiteindelijk maar drie van uitzat. Lafleur, al vanaf zijn jongste jaren aan de drugs, vindt dat verantwoord druggebruik door meerderjarigen een uitstekende zaak is en moet kunnen.

Na het optreden van de “Carniceros” stelt Felicitas me voor aan Alejandro. Ik vraag hem waarom de schuld niet zou moeten worden betaald, die is toch door een wettig gekozen regering gemaakt? Domme vraag. “Die regering was hartstikke illegaal” krijg ik te horen. “Het was toch een regering die na democratische verkiezingen aan de macht was gekomen?” probeer ik nog eens. “De kiezers hadden niets te kiezen en waren gedwongen op die lui te stemmen!” Hier kan ik niet tegen op. We nemen met een warme Argentijnse kus op de wang afscheid en ik beloof de foto’s zo spoedig mogelijk te zullen sturen. De geluidsoverlast is voorbij, ik kan terug naar huis. Op woensdag berichten de ochtendkranten dat de vervallen termijn van de al dan niet illegale schuld vlak voor middernacht is betaald. Zoals dat gaat in Buenos Aires, was het protest van gisteravond erg gezellig en tegelijkertijd geheel tevergeefs.