|
EEN BOUNTY UIT TRINIDAD (07022004) Onderweg van Buenos Aires naar Londen maak ik een tussenlanding op Schiphol. Het regent en het is grauw. Het vliegtuig landt op de nieuwe baan en taxiet langs een kil uitziend kerkhofje. Zou de baan bewust zo zijn aangelegd om de luchtreizigers aan de risico’s van het vliegen te herinneren? In de Haarlemmermeer geen uit de kluiten gewassen Argentijnse grafmonumenten, sober Calvinisme voert hier de boventoon. Hoewel ik Nederland officieel niet binnenga, sta ik zo toch in één klap weer met beide benen op de vaderlandse grond. Heel even terug van weggeweest, maar langer dan de bedoeling was. Ik ben een punctuele reiziger en dat valt niet altijd mee. Mijn geliefde stelt ons multiculturele huwelijk iedere keer als we op reis gaan stevig op de proef. Als de taxi naar het vliegveld voor de deur staat, moet zij nog net even een dringende boodschap doen of zijn haar koffers nog niet gepakt. Dat is uiteraard mijn schuld. “Je hebt me veel te weinig tijd gegeven om me goed voor te bereiden” is een veel gehoorde klacht. Is twee weken echt te weinig? Helaas heeft ze desondanks nog nooit een vlucht gemist. Ze is niet alleen. De vlucht van Amsterdam naar Londen wordt vertraagd omdat een passagier niet komt opdagen. Diens bagage is een veiligheidsrisico en moet worden uitgeladen. Uiteraard komt de vrouw juist op dat moment opgewekt het vliegtuig binnen wandelen, maar we zijn wel onze slot kwijt. Het maakt eigenlijk weinig uit. Vluchten naar Londen schijnen “door de drukte boven het vliegveld Heathrow” sowieso een vliegduur te hebben die meer dan twee keer zo lang is als de dienstregeling aangeeft. Mijn reis van ons huis in Buenos Aires naar de receptie van het hotel in Londen duurt zodoende precies 24 uur! Drie lange dagen in een vergaderzaal opgesloten te zijn, is niet echt mijn favoriete tijdverdrijf. Drie dagen lang presentaties met samenvattingen van “position papers” gevolgd door discussie en besluitvorming. De meeste ogen zijn continue strak op het projectiescherm gericht. Naarmate de tijd vordert, dwalen de mijne steeds vaker af naar het “London Eye” dat voor de ramen van de vergaderzaal langzaam rond draait. Er is nog andere afleiding. ‘s Avonds zit ik aan tafel naast collega Chris. Wij vertegenwoordigen de commercieel gezien kleine regio’s tijdens deze bijeenkomst. Hij Afrika, ik Latijns Amerika. Chris heeft Indiase voorouders, is afkomstig uit Trinidad en woont en werkt in Nairobi, de hoofdstad van Kenia. Het is erg lawaaierig in het trendy Italiaanse restaurant met de even trendy naam “Zilly Fish too” waardoor we op onze meest nabije disgenoten zijn aangewezen voor een gesprek. Niet erg, informatie uit de eerste hand over Trinidad is zeldzaam. Chris heeft dezelfde etnische achtergrond als V.S. Naipaul, die in 2001 de Nobelprijs voor Literatuur won. Naipaul heeft een paar mooie boeken over Afrika geschreven. Over Kisangani in Zaïre “De bocht in de rivier“ en “De krokodillen van Yamoussoukrou” die het presidentiële paleis van Ivoorkust bewaken. Dezelfde krokodillen die ik een jaar of tien geleden voederde met van de militaire bewakers gekochte kippen. Naipaul heeft uiteraard veel verhalen geschreven over het dagelijkse leven in Trinidad, maar ook “De terugkeer van Eva Perón” waarin hij het peronisme streng analyseert. Een auteur met een interessant oeuvre. “Naipaul is een Brit” zegt Chris gedecideerd als ik het onderwerp aansnijd. “Hij komt toch uit Trinidad en heeft toch net zoals jij Indiase voorouders?” reageer ik wat verbaasd. “Ik ben een Christen” gaat hij onverstoorbaar verder. Na wat heen en weer gepraat, geeft hij toe dat Naipaul toch wel uit Trinidad afkomstig is. Net zoals Surinamers hun “bounty’s” hebben “bruin van buiten, wit van binnen” heeft Chris dus zijn “Brit.” Al doorvragend kom ik meer te weten over het Carïbische eiland. “Wist je dat er meer Indiërs dan Afrikanen in Trinidad wonen?” Nee dat wist ik niet. “Wij hebben de hele economie in handen, maar laten hun regeren om een bloedbad te voorkomen!” We worden afgeleid. Niet door disgenoten, maar door een opvallende blonde dame die, zoals even later zal blijken, geheel onnodig door het hele restaurant paradeert. Haar pronte borsten, slechts ingepakt in een dun, zeer strak afkledend truitje, snellen haar vooruit. “Die heeft ze vast voor Kerstmis cadeau gekregen” ontsnapt me. Chris lacht, hij is het nu direct met me eens. We zijn plots veel beter bij de les dan vanmiddag bij de laatste presentaties. Na het rondje “kijk eens wat een mooie nieuwe borsten ik heb” gaat de dame in kwestie tenslotte aan een tafeltje vlak naast de ingang zitten, aldus ons vermoeden bevestigend dat iedereen in het restaurant even moest zien hoe goed de operatie is gelukt. “Mijn voorouders zijn zo’n zes generaties geleden naar Trinidad gegaan om als contractarbeiders op de suikerrietplantages te werken. Ze hebben zich om praktische redenen tot het christendom bekeerd. Op die manier kregen hun kinderen toegang tot onderwijs én een betere toekomst. Contact met Indiase moslims of hindoes hebben we nauwelijks, iedereen blijft binnen zijn eigen gemeenschap. Wij kennen geen gearrangeerde huwelijken of een kastensysteem, ik ben getrouwd met een vrouw van mijn eigen keuze!” “Zijn er contacten met de Afrikaanse gemeenschap?” vraag ik ”trouwen jullie onderling?” Dit is vloeken in de kerk. Sociaal omgaan met Afrikanen, zoiets doe je niet! Afrikanen zoeken wel contact met Indiërs. Ze ontvoeren ze, vorig jaar gemiddeld één per week. De calypsozanger Cro Cro heeft er dit jaar een carnavalslied aan gewijd waarover schande wordt gesproken omdat het als een aanmoediging om nog meer mensen te ontvoeren wordt gezien. Als het toetje wordt geserveerd, vraag ik aan Chris of hij wel eens een boek van Naipaul heeft gelezen. Nog nooit. Hij geeft niet zo veel om Britse literatuur. |