|
WIE NEERKANDS BLOED..........- 2 (10122003) Om een uur of twee op zondagmiddag 7 december 2003 gaat bij ons thuis de telefoon. Dit moet met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid mijn geliefde zijn om te laten weten dat de kerkdienst zal worden verlengd met een lunch met zielsverwanten. Ik had er niet verder naast kunnen zitten. “Hallo met Radio Rijnmond” klinkt het opgewekt vanuit Rotterdam “weet je al dat er een prinsesje is geboren?” Of ik dat weet. Wie Neerlands bloed door d’aderen vloeit, wordt daar in Buenos Aires regelmatig aan herinnerd. Pieter, een doorgewinterde Oranjeklant, houdt mij met de regelmaat van de klok op de hoogte van het wel en wee van de familie van Oranje. Volgens mij heeft hij de Oranjebitter al wekenlang binnen handbereik staan en is helemaal klaar voor de aanstaande geboorte. Een paar dagen eerder had hij mij nog gemeld dat Máxima en haar moeder bij de Hema in Den Haag waren gesignaleerd. Als dat waar is, is dat een verassend bericht. In Argentinië zijn er geen warenhuizen zoals we die in Nederland kennen. Zouden ze wel bestaan, dan zouden mensen uit de sociale klasse waartoe de familie Zorreguieta behoort, nooit en te nimmer bij de Hema willen worden betrapt. Ver beneden hun stand! Ze zouden hier tenminste Bijenkorfklanten zijn. Als ik vroeg op zondagmorgen mijn email brievenbus openmaak, ligt daarin al een extra editie van de Volkskrant met de kop “Máxima opgenomen in Bronovo.” De webedities van de grootste Argentijnse dagbladen “La Nación” en “Clarín” hebben hetzelfde nieuws in een hoekje op hun voorpagina staan. Tussen de bedrijven door volg ik de ontwikkelingen, totdat even na enen lokale tijd het heugelijke nieuws wereldkundig wordt gemaakt. Vandaar dat ik al op de hoogte was toen de radio belde. Ze zijn bezig met een speciaal aan de geboorte gewijde uitzending en hebben via via ons telefoonnummer gekregen. We kletsen wat en dan komt de vraag of ik bereid zou zijn aan de uitzending mee te werken. Natuurlijk ben ik dat. We hebben een voorbereidend gesprek en ze zullen over een uur of zo terugbellen. voor een direct uit te zenden vraaggesprek. Dat geeft me mooi de gelegenheid om wat onderzoek te doen. De drie Argentijnse tv-nieuwszenders zijn bezig met hun normale zondagmiddagprogramma’s: sport, de wekelijkse horoscoop en de Tangoclub. De webpagina’s van de kranten zijn inmiddels bijgewerkt, vrijwel allemaal melden ze het nieuws. Wat bij mij nog steeds wat vervreemdend werkt, is dat Willem-Alexander hier Guillermo Alejandro wordt genoemd. Om drie uur begint het nieuws met de veiligheid op straat, of beter gezegd het ontbreken daarvan. Een beeldverslag van een onverwacht bezoek van President Kirchner aan het stadsdeel Villa Urquiza, waar de afgelopen week vrijwel iedere dag een restaurant werd overvallen. Het tweede bericht gaat over de Argentijnse verontwaardiging dat de Britten hebben toegegeven dat ze in 1982, tijdens de oorlog om de Malvinas (Falklandeilanden), hun oorlogsschepen hadden uitgerust met atoomwapens. De Argentijnen eisen verontschuldigingen van de erfvijand! Uiteindelijk als derde dan toch het blijde nieuws uit Den Haag. Korte beelden van Koningin Beatrix die het ziekenhuis verlaat en Willem-Alexander voor een raam van de kraamafdeling. Slechts 20 seconden Oranjenieuws, meer zit er niet in. Via het internet luister ik naar Radio Rijnmond om te horen in wat voor uitzending ik zo dadelijk terecht zal komen. Burgemeester Bladell van Dordrecht wordt geïnterviewd. Hij klopt zichzelf stevig op de borst over zijn uitstekende kontakten met het Huis van Oranje. Nee, vandaag worden er geen gelukwensen verstuurd, dat moet wachten tot morgen. Dan zal hij namens Dordt een fax sturen, want gelukstelegrammen bestaan niet meer. De Dordtse burgervader is slecht op de hoogte. Hoewel er geen geluks- of andere telegrammen meer via het postkantoor kunnen worden verzonden, bestaat de service nog steeds. Hij vertelt met nonchalante trots over het “originele initiatief” dat het felicitatieregister van de gemeente uit een enorme oranje slab van 4 meter breed en 16 meter lang zal bestaan. Iedere Dordtenaar die daar zijn handtekening op wil zetten, kan vanaf maandag op het gemeentehuis terecht. Wat een briljant idee! Zou die man dat zijn eigen familie ook aandoen? Denkt hij nu echt dat het kroonprinselijk paar op een slab van vierenzestig vierkante meter zitten te wachten? Ik heb zo mijn eigen kontakten bij het Koninklijk Huis. Marten, de conservator van het Koninklijk Huisarchief, de plek waar dat soort geschenken terecht komen. Met gevoelens van sympathie voor hem luister ik naar het Dordtse gesnoef. “Wordt Nederland dommer?” vraagt de NRC zich al een tijdje af. Dat lijkt mij een behoorlijk retorische vraag. Het is mijn beurt. Tot mijn spijt zijn er geen vreugdetaferelen vanuit het centrum van Buenos Aires te melden. De gemiddelde Porteño is niet echt geïnteresseerd in de familie Zorreguieta en vrijwel niemand die ik ken, begrijpt waarom Máxima’s ouders begin vorig jaar niet bij het huwelijk aanwezig mochten zijn. Calvinistische scherpslijperij van de ergste soort! Het gesprek kabbelt een stiefkwartiertje lang voort. “Bedankt, wij hadden als eerste iemand uit Buenos Aires aan de lijn!” zegt de redactrice met enige trots. Na mij legt de voorzitter van een Oranjevereniging uit waarom op zondag de kerkklokken niet mogen luiden en waarom de nationale driekleur na zonsondergang niet mag worden uitgestoken. Nederland het land van mijn regelneven. Eens te meer besef ik dat het Nederlandse bloed dat door mijn aderen vloeit na vele jaren buitenland behoorlijk is verdund. |