|
BRAZILIAANSE VOOROORDELEN (16-05-2003)
"Wat verschrikkelijk, dat heb je niet
verdiend!" Zo reageerden mijn Braziliaanse
collega's toen ik vertelde dat mijn volgende
baan in Buenos Aires zou zijn. Alsof ik
naar een strafkamp werd gestuurd. Hun reactie
was wel te begrijpen, de gemiddelde Braziliaan
vindt de gemiddelde Argentijn op zijn minst
een arrogante klootzak. Dat hebben de Argentijnen
aan zichzelf te danken. Tijdens hun "wirtschaftswunder"
van de jaren 90 gedroegen zij zich in Zuid
Amerika op dezelfde manier als de Duitsers
met hun D-marken in Europa in de jaren 60
en 70. Dikke auto's, grote bek en vooral
goed laten merken dat je poen hebt. Dat
laatste deden de Argentijnen jarenlang vol
overgave aan de stranden in het zuiden van
Brazilië en in Uruguay.
Voor mij was de beslissing om naar Buenos
Aires te gaan niet zo moeilijk, het alternatief
was Hamburg. Volgens onze Rotterdamse buurman
bestaat er nauwelijks verschil tussen beide
steden. "In Buenos Aires kan je net
zo goed met Duits terecht als in Hamburg"
verzekerde hij mij. En inderdaad, de kiosk
naast onze voordeur verkoopt het "Argentinisches
Tageblatt" waarvan het hoofdkantoor
niet veel verderop in een statig pand huist.
Daar houdt het meteen op, want het is gewoon
Spaans spreken geblazen in Argentinië.
Het was niet de eerste keer dat ik in een
"verschrikkelijk" land ging werken.
Als bezoekende collega's in Lagos hoorden
hoe lang ik al in Nigeria werkte, werd direct
gevraagd wat ik misdaan had om zo te worden
gestraft. Zelf had ik het er prima naar
mijn zin. Mijn neef Arjan, die een jaar
of veertien in Rio de Janeiro heeft gewoond
en toegeeft nog nooit in Buenos Aires te
zijn geweest, weet wel precies te vertellen
wat er zo al mis is met Argentijnen. Als
een volleerde Braziliaan vraagt hij zich
af waarom men in Europa zoveel aandacht
aan Argentinië besteedt. "Argentijnen
hebben niets anders te bieden dan hete lucht!"
of "De beste deal die je volgens een
Braziliaan kunt doen, is een Argentijn te
kopen voor wat hij waard is om hem door
te verkopen voor wat deze Argentijn denkt
waard te zijn." Oftewel Argentijnen
lopen over van eigendunk.
"Wat hebben ze in Argentinië
nou, dat ze in Brazilië niet hebben?"
zo vraagt mijn neef zich af. "Waar
maken ze zich eigenlijk zo druk over? Vlees?
dat heb je in Rio ook. Tango? Aardig voor
toeristen, maar op wat bejaarden na danst
niemand het meer. Nee dan de Braziliaanse
Samba, die wordt haast door iedereen gedanst.
Over voetbal wil hij het niet eens hebben,
vijf wereldtitels spreken voor zichzelf.
Rio is bovendien veel mooier dan Buenos
Aires. Hoe durven de Argentijnen hun mond
open te doen, terwijl er Brazilië is?"
"A cidade maravilhosa" zoals
Rio door de Cariocas, de inwoners van de
stad, wordt genoemd, is op het oog inderdaad
een aangename stad. Als een wulpse vrouw
ligt Rio lui uitgestrekt tussen de stranden
van de Atlantische Oceaan en de heuvels,
de morros. Van noord tot zuid zijn dat zo´n
70 kilometers als ik me het goed herinner.
Op de morros zijn honderden favelas gebouwd
waarin veel armoede heerst en de drugsbazen
een terreurbewind uitoefenen. Dag in dag
uit zie ik in Buenos Aires op het Braziliaanse
tv-journaal hoe zwaar bewapende soldaten
en politiemannen een burgeroorlog proberen
te winnen. Nee dan Buenos Aires. Er is jammer
genoeg geen strand, maar er zijn gelukkig
ook geen heuvels waarop favelas groeien,
"de villas - de sloppenwijken"
liggen netjes aan de rand van de stad, geheel
buiten het gezichtsveld van de beter gesitueerde
porteños. Wat niet weet, wat niet
deert en het is zo in de stad een heel stuk
veiliger bovendien.
Niet alleen in dat opzicht is Buenos Aires
een goed geordende stad. In Rio denkt iedereen
die in een auto gaat zitten, dat hij een
Ayrton Senna of een Rubens Barichello is
en dat de openbare weg een racebaan is.
Het verkeer in Buenos Aires is een heel
stuk gezapiger, wel zo lekker. Het is waar
dat we het aangename klimaat van Rio node
missen. In Buenos Aires is het soms zelfs
bijna koud voor iemand die lang in landen
met een lekker warm klimaat heeft gewoond.
Als mijn tropische geliefde een dikke trui
aandoet, lopen de Argentijnen al met hun
bontjas aan. Eigenlijk zijn Argentijnen
ook nog eens aanstellers. Maar daarvan zijn
er in Brazilië ook zat, er gaat geen
dag voorbij dat er op de televisie eens
even niet wordt gehuild. Roer in een vraaggesprek
met een beroemdheid de kinderen of de ouders
aan en de tranen beginnen te vloeien.
Rio de Janeiro ziet letterlijk zwart van
de opgewekte en optimistische Brazilianen.
In Buenos Aires wonen net zoveel zwartkijkende
pessimistische Europeanen die toevallig
een Argentijns paspoort hebben. Zelden gaan
er meer dan tien minuten voorbij voordat
een porteño onthult dat hij ook een
Italiaans, Spaans of wat dan ook voor paspoort
heeft. Argentijnen zijn de Belgen van Zuid
Amerika, eigenlijk bestaan ze niet eens.
Ondanks de charme en de afwisseling en
het lekkere weer van Rio de Janeiro en ondanks
de 13 miljoen Argentijnen is Buenos Aires
een prettige stad om in te wonen. De musea,
de parken, de theaters, het aanbod is gevarieerd
én betaalbaar. Veel beter dan in
Rio. Het gemis van het Carnaval wordt ten
dele goedgemaakt door de niet minder opwindende
dagelijkse demonstraties, hoewel ik moet
toegeven dat deze heel wat minder sensueel
ogen. Wat je ook kan zeggen van Buenos Aires,
saai is het er haast nooit. Dus beste neef
kom eens logeren. Dan gaan we naar een moderne
tangoshow in een illegale tangosalon of
naar een concert in een mooi theater. Na
afloop kunnen we in een goed restaurant
"bife de lomo" de lekkerste Argentijnse
biefstuk gaan eten en tongstrelende Argentijnse
rode wijn drinken. Ik beloof je bij de koffie
Argentijnse likeur te zullen aanbieden waarmee
je al je Braziliaanse vooroordelen kunt
wegspoelen. Wanneer kom je?
|